Jeremiah 45:1 — Compare Translations

10 translations compared side by side

Dutch (BB) 2016 BasisBijbel
Dit is wat ik van de Heer moest zeggen tegen Baruch, toen Baruch alles in een boekrol had opgeschreven. In die tijd was Jojakim vier jaar koning van Juda.
Dutch (HSV) 2017 (Herziene Statenvertaling)
Het woord dat de profeet Jeremia gesproken heeft tot Baruch, de zoon van Neria, toen hij deze woorden uit de mond van Jeremia op een boek rol schreef, in het vierde jaar van Jojakim, de zoon van Josia, de koning van Juda:
Dutch (NBG) Nederlands Bijbel Genootschap 1951
Het woord dat de profeet Jeremia sprak tot Baruch, de zoon van Neria, nadat hij deze woorden uit de mond van Jeremia te boek gesteld had in het vierde jaar van Jojakim, de zoon van Josia, de koning van Juda:
Dutch 1939 (De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939)
Het woord, dat de profeet Jeremias tot Baruk sprak, den zoon van Neri-ja, toen deze in het vierde jaar van Jojakim, den zoon van Josias en koning van Juda, deze woorden volgens mondelinge opgave van Jeremias te boek had gesteld.
Dutch 2007 (HTB)
Dit is de boodschap (a) die Jeremia Baruch gaf in het vierde regeringsjaar van koning Jojakim, de zoon van Josia, nadat Baruch al Gods boodschappen had opgeschreven, zoals Jeremia ze hem dicteerde:
Dutch 2023 (Venster Bijbel)
Het woord dat de profeet Jeremia sprak tot Baruch, de zoon van Neria, toen Jeremia hem dicteerde wat hij in de boekrol moest opschrijven, in het vierde regeringsjaar van koning Jojakim van Juda:
Dutch 2024 (EBV24 een Eigentijdse Bijbelvertaling)
Het woord dat de profeet Jeremia gesproken heeft tot Baruch, de zoon van Neri-Jah, toen deze de woorden uit de mond van Jeremia in een boekrol opschreef, in het vierde jaar van Jojakim, de zoon van Josia, de koning van Juda. Het luidde:
Dutch HTB 2007 (Het Boek)
Dit is de boodschap die Jeremia Baruch gaf in het vierde regeringsjaar van koning Jojakim, de zoon van Josia, nadat Baruch al Gods boodschappen had opgeschreven, zoals Jeremia ze hem dicteerde:
Dutch SVV 2018 (Statenvertaling Jongbloed-editie)
Het woord, dat de profeet Jeremía gesproken heeft tot Baruch, den zoon van Nerija, als hij die woorden uit den mond van Jeremía in een boek schreef, in het vierde jaar van Jójakim, den zoon van Josía, den koning van Juda, zeggende:
Dutch Statenvertaling (Importantia edition)
Het woord, dat de profeet Jeremia gesproken heeft tot Baruch, den zoon van Nerija, als hij die woorden uit den mond van Jeremia in een boek schreef, in het vierde jaar van Jojakim, den zoon van Josia, den koning van Juda, zeggende: