John 1:21 — Compare Translations
13 translations compared side by side
Dutch (BB) 2016 BasisBijbel
Toen vroegen ze hem: "Wie ben je dan? Ben je Elia?" Maar Johannes zei: "Nee, ook niet Elia." "Ben je dan de profeet?" Hij antwoordde: "Nee."
Dutch (HSV) 2017 (Herziene Statenvertaling)
En zij vroegen hem: Wat dan? Bent u Elia? En hij zei: Ik ben het niet. Bent u de Profeet? En hij antwoordde: Nee.
Dutch (NBG) Nederlands Bijbel Genootschap 1951
En zij vroegen hem: Wat dan? Zijt gij Elia? En hij zeide: Ik ben het niet. Zijt gij de profeet? En hij antwoordde: Neen.
Dutch 1939 (De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939)
Ze vroegen hem: Wat dan? Zijt gij Elias? Hij zeide: Ik ben het niet. Zijt gij de profeet? Hij antwoordde: Neen.
Dutch 2007 (HTB)
"Wie dan wel?" vroegen zij. "Elia?" "Nee", antwoordde hij. "Bent u dan de profeet die komen zou?" was hun volgende vraag. "Ook niet", zei Johannes.
Dutch 2023 (Venster Bijbel)
Ze vroegen hem: "Wie dan wel? Ben je Elia?" Maar Johannes zei: "Nee, die ben ik niet." "Ben je de profeet?" Hij antwoordde: "Nee."
Dutch 2024 (EBV24 een Eigentijdse Bijbelvertaling)
Zij vroegen hem: “Wat dan? Ben je Elia?” Hij zei: “Nee, ik ben het niet!” “Ben je de profeet?” Hij zei: “Nee!”
Dutch Frisian
En see fruage am: Wäa dan? Best dü Elia? En hee säd: Etj sie daut nijch. Best dü de Profeet? En hee auntwuad: Nä.
Dutch GBVNT (Gods Boek - het Nieuwe Testament)
Ze vroegen hem: “Wie bent u dan? Bent u Elia?” Hij zei: “Nee, ook niet.” “Bent u de profeet?” Hij antwoordde: “Nee.”
Dutch HTB 2007 (Het Boek)
‘Wie dan wel?’ vroegen zij. ‘Elia?’ ‘Nee,’ antwoordde hij. ‘Bent u dan de profeet die komen zou?’ was hun volgende vraag. ‘Ook niet,’ zei Johannes.
Dutch Reimer 2001
En see fruage am: "Waut dan? Best du Elia?" Hee saed: "Nae, ekj sie nich." "Best du dee Profeet?" En hee saed: "Nae."
Dutch SVV 2018 (Statenvertaling Jongbloed-editie)
En zij vraagden hem: Wat dan? Zijt gij Elías? En hij zeide: Ik ben die niet. Zijt gij de Profeet? En hij antwoordde: Neen.
Dutch Statenvertaling (Importantia edition)
En zij vraagden hem: Wat dan? Zijt gij Elias? En hij zeide: Ik ben die niet. Zijt gij de profeet? En hij antwoordde: Neen.