John 20:25 — Compare Translations
13 translations compared side by side
Dutch (BB) 2016 BasisBijbel
De andere leerlingen vertelden hem: "We hebben de Heer Jezus gezien!" Maar hij antwoordde: "Ik geloof het pas als ik in zijn handen de wonden van de spijkers zie. Ik wil ze met mijn eigen vingers aanraken en ik wil met mijn eigen hand in zijn zij voelen."
Dutch (HSV) 2017 (Herziene Statenvertaling)
De andere discipelen dan zeiden tegen hem: Wij hebben de Heere gezien. Maar hij zei tegen hen: Als ik in Zijn handen niet het litteken van de spijkers zie, en mijn vinger niet steek in het litteken van de spijkers, en mijn hand niet steek in Zijn zij, zal ik beslist niet geloven.
Dutch (NBG) Nederlands Bijbel Genootschap 1951
De andere discipelen dan zeiden tot hem: Wij hebben de Here gezien! Maar hij zeide tot hen: Indien ik in zijn handen niet zie het teken der nagels en mijn vinger niet steek in de plaats der nagels en mijn hand niet steek in zijn zijde, zal ik geenszins geloven.
Dutch 1939 (De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939)
De andere leerlingen zeiden hem dus: We hebben den Heer gezien. Maar hij zei hun: Zo ik in zijn handen de wonden der nagelen niet zie, en mijn vinger niet leg in de plaats van de nagelen, en mijn hand niet in zijn zijde steek, dan geloof ik het niet.
Dutch 2007 (HTB)
Toen de andere discipelen hem vertelden dat zij de Here hadden gezien, wilde hij het niet geloven. "Ik kan het pas geloven", zei hij, "als ik de wonden van de spijkers in Zijn handen zie en met mijn eigen hand voel dat Hij een wond in Zijn zij heeft!"
Dutch 2023 (Venster Bijbel)
De andere leerlingen vertelden hem: "We hebben de Heer gezien!" Maar hij antwoordde: "Ik geloof er niets van zolang ik niet zelf in zijn handen de wonden van de spijkers zie en ze met mijn vinger voel en zelf met mijn hand in zijn zij kan voelen."
Dutch 2024 (EBV24 een Eigentijdse Bijbelvertaling)
De discipelen zeiden tegen hem: “Wij hebben onze Heer gezien.” Maar hij zei tegen hen: “Ik zal het niet geloven, tenzij ik in zijn handen de littekens van de spijkers zie en mijn vingers daarin kan doen en mijn hand in zijn zijde kan steken.”
Dutch Frisian
Donn säde de aundre Jinja too am: Wie ha däm Harr jeseehne! Oba hee säd too ahn: Wann etj nijch de Näajelmohle enn siene Henj see en miene Finja enne Näajelmohl laj, en laj miene Haunt enn siene Sied, soo woa etj nijch jleewe.
Dutch GBVNT (Gods Boek - het Nieuwe Testament)
Toen de andere leerlingen hem vertelden: “Wij hebben de Heer gezien”, antwoordde hij: “Zolang ik de wonden van de spijkers in zijn handen niet heb gezien, de plaats waar de spijkers hebben gezeten niet met mijn vinger heb aangeraakt en met mijn hand niet zijn zij heb gevoeld, geloof ik het niet.”
Dutch HTB 2007 (Het Boek)
Toen de andere leerlingen hem vertelden dat zij de Here hadden gezien, wilde hij het niet geloven. ‘Ik kan het pas geloven,’ zei hij, ‘als ik de wonden van de spijkers in zijn handen zie en met mijn eigen hand voel dat Hij een wond in zijn zij heeft!’
Dutch Reimer 2001
Dee aundre Jinja saede donn to am: "Wie habe daem Herr jeseene!" Oba hee saed to an: "Bott ekj dee Naeajelmoole en siene Henj see, en miene Finjasch doa enenn laj, en miene Haunt enn siene Sied enenn laj, woa ekj nich jleewe."
Dutch SVV 2018 (Statenvertaling Jongbloed-editie)
De andere discipelen dan zeiden tot hem: Wij hebben den Heere gezien. Doch hij zeide tot hen: Indien ik in Zijn handen niet zie het teken der nagelen, en mijn vinger steke in het teken der nagelen, en steke mijn hand in Zijn zijde, ik zal geenszins geloven.
Dutch Statenvertaling (Importantia edition)
De andere discipelen dan zeiden tot hem: Wij hebben den Heere gezien. Doch hij zeide tot hen: Indien ik in Zijn handen niet zie het teken der nagelen, en mijn vinger steke in het teken der nagelen, en steke mijn hand in Zijn zijde, ik zal geenszins geloven.