John 21:12 — Compare Translations
13 translations compared side by side
Dutch (BB) 2016 BasisBijbel
Jezus zei tegen hen: "Kom en eet." Niemand van de leerlingen durfde Hem te vragen: "Wie bent U?" Want ze wisten dat het de Heer was.
Dutch (HSV) 2017 (Herziene Statenvertaling)
Jezus zei tegen hen: Kom, gebruik de maaltijd. En niemand van de discipelen durfde Hem te vragen: Wie bent U? want zij wisten dat het de Heere was.
Dutch (NBG) Nederlands Bijbel Genootschap 1951
Jezus zeide tot hen: Komt en houdt de maaltijd. Niemand van de discipelen durfde Hem de vraag stellen: Wie zijt Gij? Want zij wisten, dat het de Here was.
Dutch 1939 (De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939)
Jesus zei hun: Komt ontbijten. Niemand van de leerlingen durfde Hem vragen: Wie zijt Gij? Want ze wisten, dat het de Heer was.
Dutch 2007 (HTB)
"Kom", zei Jezus. "Laten wij gaan eten." Geen van de discipelen durfde te vragen wie Hij was, want zij wisten dat Hij de Here was.
Dutch 2023 (Venster Bijbel)
Jezus zei tegen hen: "Kom en eet." Niemand van de leerlingen durfde Hem te vragen: "Wie bent U?" want ze wisten dat het de Heer was.
Dutch 2024 (EBV24 een Eigentijdse Bijbelvertaling)
Jezus zei tegen hen: “Kom, eet!” Niet één van de discipelen durfde Hem te vragen, wie Hij was, want zij wisten dat het onze Heer was.
Dutch Frisian
Jesus sajcht too ahn: Kohmt hea, Freestitj äte. Oba tjeena von de Jinja woagd sich am too froage: Wäa best dü? See wisste, dautet de Harr es wea.
Dutch GBVNT (Gods Boek - het Nieuwe Testament)
Jezus zei tegen hen: “Kom eten.” Geen van zijn leerlingen durfde Hem te vragen: “Wie bent U?”, want ze beseften dat het de Heer was.
Dutch HTB 2007 (Het Boek)
‘Kom,’ zei Jezus. ‘Laten wij gaan eten.’ Geen van de leerlingen durfde te vragen wie Hij was. Ze begrepen nu wel dat het de Here was.
Dutch Reimer 2001
Jesus saed to an: "Komt Freestikj aete!" Kjeena fonn dee Jinja woagd sikj am to froage: "Waea best du?" wiel see wiste dautet dee Herr wea.
Dutch SVV 2018 (Statenvertaling Jongbloed-editie)
Jezus zeide tot hen: Komt herwaarts, houdt het middagmaal. En niemand van de discipelen durfde Hem vragen: Wie zijt Gij? wetende, dat het de Heere was.
Dutch Statenvertaling (Importantia edition)
Jezus zeide tot hen: Komt herwaarts, houdt het middagmaal. En niemand van de discipelen durfde Hem vragen: Wie zijt Gij? wetende, dat het de Heere was.