John 9:11 — Compare Translations
13 translations compared side by side
Dutch (BB) 2016 BasisBijbel
Hij antwoordde: "De Man die ze Jezus noemen maakte een modderpapje. Dat smeerde Hij op mijn ogen. Toen zei Hij dat ik me in Siloam moest gaan wassen. Dat heb ik gedaan en toen kon ik zien."
Dutch (HSV) 2017 (Herziene Statenvertaling)
Hij antwoordde en zei: Een Mens, genaamd Jezus, maakte slijk, bestreek mijn ogen en zei tegen mij: Ga heen naar het badwater Siloam en was u. En ik ging weg, waste mij en werd ziende.
Dutch (NBG) Nederlands Bijbel Genootschap 1951
Hij antwoordde: De mens, die Jezus genoemd wordt, maakte slijk, streek het op mijn ogen en zeide tot mij: Ga heen naar Siloam en was u. Ik ging dan heen en toen ik mij gewassen had, werd ik ziende.
Dutch 1939 (De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939)
Hij antwoordde: De man, die Jesus heet, maakte slijk, bestreek er mijn ogen mee, en sprak tot Mij: Ga naar de vijver van Siloë, en was u. Ik ging dus, waste mij, en kon zien.
Dutch 2007 (HTB)
Hij antwoordde: "Er was een Man, die Jezus heette. Hij maakte wat modder, smeerde dat op mijn ogen en zei dat ik naar Siloam moest gaan om mij te wassen. Toen ik dat gedaan had, kon ik zien."
Dutch 2023 (Venster Bijbel)
Hij antwoordde: "De man die Jezus heet maakte wat modder, streek die op mijn ogen en zei tegen mij: 'Ga je wassen in het badwater van Siloam.' Ik ben me daar gaan wassen en nu kan ik zien."
Dutch 2024 (EBV24 een Eigentijdse Bijbelvertaling)
Hij antwoordde en zei tegen hen: “Een Man met de naam Jezus maakte slijk, smeerde het op mijn ogen en zei tegen mij: ‘Ga je wassen in het water van Siloam!’ Ik ben daarheen gegaan, heb me gewassen en daarna kon ik zien.”
Dutch Frisian
Hee auntwuad en säd: Een Mensch, de Jesus heet, muak een Brie en schmäad däm opp miene Uage en säd too mie: Goh han no Sielooha en wausch die. Oba aus etj han jintj en mie jewosche haud, kunn etj seene.
Dutch GBVNT (Gods Boek - het Nieuwe Testament)
Hij antwoordde: “Iemand die Jezus heet maakte slijk, streek dat op mijn ogen, en zei: ‘Ga naar Siloam om je te wassen.’ Dus ging ik daarheen, waste me, en toen kon ik zien.”
Dutch HTB 2007 (Het Boek)
Hij antwoordde: ‘Iemand die Jezus heet, maakte wat modder, smeerde dat op mijn ogen en zei dat ik naar Siloam moest gaan om mij te wassen. Toen ik dat gedaan had, kon ik zien.’
Dutch Reimer 2001
Hee auntwuad: "Dee Maun waut Jesus heet muak en Schmaeasel en laed daut opp miene Uage en saed to mie: Go no Sielooha en wausch. Ekj jinkj en wossch en kaun seene."
Dutch SVV 2018 (Statenvertaling Jongbloed-editie)
Hij antwoordde en zeide: De Mens, genaamd Jezus, maakte slijk, en bestreek mijn ogen, en zeide tot mij: Ga heen naar het badwater Silóam, en was u. En ik ging heen, en wies mij, en ik werd ziende.
Dutch Statenvertaling (Importantia edition)
Hij antwoordde en zeide: De Mens, genaamd Jezus, maakte slijk, en bestreek mijn ogen, en zeide tot mij: Ga heen naar het badwater Siloam, en was u. En ik ging heen, en wies mij, en ik werd ziende.