Joshua 5:6 — Compare Translations

10 translations compared side by side

Dutch (BB) 2016 BasisBijbel
De Israëlieten hebben 40 jaar lang door de woestijn getrokken. Totdat alle volwassen mannen die uit Egypte waren vertrokken, gestorven waren. Dat was omdat ze de Heer niet hadden willen gehoorzamen. De Heer had gezworen dat zij niet in het prachtige en vruchtbare land zouden komen dat Hij aan hun voorvaders had beloofd.
Dutch (HSV) 2017 (Herziene Statenvertaling)
Want de Israëlieten waren veertig jaar onderweg in de woestijn, totdat heel het volk van strijdbare mannen die uit Egypte getrokken waren, omgekomen was. Zij hadden niet naar de stem van de HEERE geluisterd, en daarom had de HEERE hun gezworen dat Hij aan hen het land dat de HEERE aan hun vaderen gezworen had ons te geven, niet zou laten zien, een land dat overvloeit van melk en honing.
Dutch (NBG) Nederlands Bijbel Genootschap 1951
Want veertig jaren zijn de Israëlieten door de woestijn getrokken, totdat het gehele volk omgekomen was, de krijgslieden, die uit Egypte getrokken waren, die naar de stem des HEREN niet gehoord hadden, aan wie de HERE gezworen had, dat Hij hun niet zou laten zien het land, waarvan de HERE hun vaderen gezworen had, dat Hij het ons geven zou, een land, overvloeiende van melk en honig.
Dutch 1939 (De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939)
Want veertig jaar hadden de Israëlieten door de woestijn gezworven, tot er niemand meer over was van heel het volk, van al de strijdbare mannen, die uit Egypte waren getrokken: van allen, die niet naar de stem van Jahweh hadden geluisterd, en aan wie Jahweh gezworen had, dat Hij hun het land niet zou laten zien, dat Hij hun vaderen onder ede beloofd had, ons te zullen geven, een land, dat druipt van melk en honing.
Dutch 2007 (HTB)
Want veertig jaar lang had het volk van Israël rondgetrokken in de woestijn. Net zolang tot alle mannen die bij het vertrek uit Egypte oud genoeg waren om een wapen te dragen, waren gestorven. Zij waren immers ongehoorzaam geweest aan de HERE en Hij had gezworen dat zij geen voet zouden zetten in het land, dat Hij Israël had beloofd; een land dat overvloeide van melk en honing.
Dutch 2023 (Venster Bijbel)
De Israëlieten trokken 40 jaar door de woestijn, totdat alle weerbare mannen die uit Egypte waren getrokken, waren omgekomen omdat ze de Heer*** niet hadden willen gehoorzamen. De Heer*** had hun gezworen dat Hij hun niet het land zou laten zien waarvan de Heer*** onder ede aan hun voorvaders had beloofd het ons te zullen geven, een land dat overvloeit van melk en honing.
Dutch 2024 (EBV24 een Eigentijdse Bijbelvertaling)
Want de zonen van Israël liepen veertig jaar door de woestijn, totdat al het volk omgekomen was, dat wil zeggen de ervaren strijders die uit Egypte waren weggetrokken, degenen die niet naar de stem van de HEERE hadden geluisterd, van wie de HEERE gezworen had dat Hij hun het land, dat de HEERE hun vaderen gezworen had aan ons te zullen geven, niet zou laten zien, een land dat overvloeit van melk en honing.
Dutch HTB 2007 (Het Boek)
Want veertig jaar lang had het volk van Israël rondgetrokken in de woestijn. Net zolang tot alle mannen die bij het vertrek uit Egypte oud genoeg waren om een wapen te dragen, waren gestorven. Zij waren immers ongehoorzaam geweest aan de Here en Hij had gezworen dat zij geen voet zouden zetten in het land dat Hij Israël had beloofd, een land dat overvloeide van melk en honing.
Dutch SVV 2018 (Statenvertaling Jongbloed-editie)
Want de kinderen Israëls wandelden veertig jaren in de woestijn, totdat vergaan was het ganse volk der krijgslieden, die uit Egypte gegaan waren; die de stem des HEEREN niet gehoorzaam geweest waren, denwelken de HEERE gezworen had, dat Hij hun niet zoude laten zien het land, hetwelk de HEERE hun vaderen gezworen had ons te zullen geven, een land vloeiende van melk en honig.
Dutch Statenvertaling (Importantia edition)
Want de kinderen Israels wandelden veertig jaren in de woestijn, totdat vergaan was het ganse volk der krijgslieden, die uit Egypte gegaan waren; die de stem des HEEREN niet gehoorzaam geweest waren, denwelken de HEERE gezworen had, dat Hij hun niet zoude laten zien het land, hetwelk de HEERE hun vaderen gezworen had ons te zullen geven, een land vloeiende van melk en honig.