Judges 1:14 — Compare Translations

10 translations compared side by side

Dutch (BB) 2016 BasisBijbel
Toen ze bij Otniël aankwam, haalde ze hem over om van haar vader een akker te vragen. Ze sprong van haar ezel. Toen vroeg Kaleb haar: "Wat is er?"
Dutch (HSV) 2017 (Herziene Statenvertaling)
En het gebeurde, toen zij bij hem kwam, dat zij hem aanspoorde om een akker van haar vader te vragen. Toen zij van de ezel afsprong, zei Kaleb tegen haar: Wat is er met je?
Dutch (NBG) Nederlands Bijbel Genootschap 1951
Toen zij aankwam, haalde zij hem over om van haar vader een stuk bouwland te vragen. – Zij sprong van haar ezel en Kaleb zeide tot haar: Wat hebt gij?
Dutch 1939 (De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939)
Maar toen zij aankwam, spoorde hij haar aan, haar vader akkerland te vragen. Ze boog zich dus van den ezel neer, zodat Kaleb haar vroeg: Wat is er?
Dutch 2007 (HTB)
Zodra zij bij hem kwam, haalde ze hem over van haar vader nog een stuk bouwland te vragen. Ze stapte van haar ezel af om er met haar vader over te spreken. "Wat kan ik voor je doen?" vroeg Kaleb.
Dutch 2023 (Venster Bijbel)
Toen ze bij Otniël aankwam, drong ze bij hem aan om van haar vader een akker te vragen. Toen ze van haar ezel afkwam, vroeg Kaleb haar: "Wat is er?"
Dutch 2024 (EBV24 een Eigentijdse Bijbelvertaling)
Toen zij bij hem kwam, zette zij hem ertoe aan om van haar vader het veld te vragen. Zij liet zich van de ezel glijden en Kaleb zei tegen haar: “Wat is er met je?”
Dutch HTB 2007 (Het Boek)
Zodra zij bij hem kwam, haalde ze hem over van haar vader nog een stuk bouwland te vragen. Ze stapte van haar ezel af om er met haar vader over te spreken. ‘Wat kan ik voor je doen?’ vroeg Kaleb.
Dutch SVV 2018 (Statenvertaling Jongbloed-editie)
En het geschiedde, als zij tot hem kwam, dat zij hem aanporde, om van haar vader een veld te begeren; en zij sprong van den ezel af; toen zeide Kaleb tot haar: Wat is u?
Dutch Statenvertaling (Importantia edition)
En het geschiedde, als zij tot hem kwam, dat zij hem aanporde, om van haar vader een veld te begeren; en zij sprong van den ezel af; toen zeide Kaleb tot haar: Wat is u?