Judges 16:26 — Compare Translations

10 translations compared side by side

Dutch (BB) 2016 BasisBijbel
Toen zei Simson tegen de jongen die hem bij de hand hield: "Laat me los en laat me de pilaren voelen waarop het dak van het gebouw rust. Ik wil tegen een pilaar leunen."
Dutch (HSV) 2017 (Herziene Statenvertaling)
Toen zei Simson tegen de jongen die hem bij de hand hield: Laat mij gaan en laat mij de pilaren betasten, waarop het huis gevestigd is, zodat ik daartegen kan leunen.
Dutch (NBG) Nederlands Bijbel Genootschap 1951
Toen zeide Simson tot de jongen die hem bij de hand hield: Laat mij los en laat mij de pilaren tasten, waarop het gebouw rust, om daartegen te kunnen leunen.
Dutch 1939 (De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939)
Maar Samson zei tot den knecht, die hem bij de hand hield: Laat me wat rusten en de zuilen vasthouden, waarop de tempel steunt; dan kan ik er tegen leunen.
Dutch 2007 (HTB)
Hij zei tegen de jongen die hem begeleidde: "Laat mij maar los, ik wil graag even leunen tegen de zuilen."
Dutch 2023 (Venster Bijbel)
Simson zei tegen de jongen die hem bij de hand hield: "Laat me los, laat me voelen waar de pilaren staan waarop het dak rust, zodat ik tegen een pilaar kan leunen."
Dutch 2024 (EBV24 een Eigentijdse Bijbelvertaling)
Toen zei Simson tegen de jongen die hem bij de hand hield: “Geef mij even rust, breng mij in aanraking met de zuilen waarop het huis steunt, zodat ik daartegen kan leunen.”
Dutch HTB 2007 (Het Boek)
Hij zei tegen de jongen die hem begeleidde: ‘Laat mij maar los, ik wil graag even leunen tegen de zuilen.’
Dutch SVV 2018 (Statenvertaling Jongbloed-editie)
Toen zeide Simson tot den jongen, die hem bij de hand hield: Laat mij gaan, dat ik de pilaren betaste, op dewelke het huis gevestigd is, dat ik daaraan leune.
Dutch Statenvertaling (Importantia edition)
Toen zeide Simson tot den jongen, die hem bij de hand hield: Laat mij gaan, dat ik de pilaren betaste, op dewelke het huis gevestigd is, dat ik daaraan leune.