Judges 18:24 — Compare Translations

10 translations compared side by side

Dutch (BB) 2016 BasisBijbel
Micha riep: "Jullie hebben de goden meegenomen die ik heb gemaakt, en ook mijn priester. Ik heb niets meer! En dan vragen jullie 'Wat is er?' "
Dutch (HSV) 2017 (Herziene Statenvertaling)
Daarop zei hij: U hebt mijn goden, die ik gemaakt heb, meegenomen, evenals de priester, en bent weggegaan. Wat heb ik nu nog? Waarom zegt u dan tegen mij: Wat is er met u?
Dutch (NBG) Nederlands Bijbel Genootschap 1951
Toen antwoordde hij: Mijn god, die ik gemaakt heb, en ook de priester hebt gij meegenomen, en zijt weggegaan. Wat rest mij nu nog? Waarom zegt gij dan tot mij: Wat is er?
Dutch 1939 (De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939)
Hij antwoordde: Mijn god, dien ik gemaakt heb, hebt ge tegelijk met mijn priester geroofd, en ge trekt er mee heen. Wat blijft mij nog over? Hoe kunt ge me dan vragen: Wat scheelt er aan?
Dutch 2007 (HTB)
"Wat bedoelt u met 'Wat is er'?" barstte Micha uit. "U bent er met al mijn goden en mijn priester vandoor gegaan; ik heb niets meer over!"
Dutch 2023 (Venster Bijbel)
Micha riep: "Jullie hebben mijn goden die ik heb gemaakt meegenomen, en ook mijn priester. Ik heb niets meer! En dan vragen jullie: 'Wat is er?' "
Dutch 2024 (EBV24 een Eigentijdse Bijbelvertaling)
Hij zei: “Jullie hebben mijn goden die ik gemaakt heb, weggenomen, en ook de priester, en jullie zijn weggegaan. Wat heb ik nu nog over? Hoe kunnen jullie tegen mij zeggen: ‘Wat is er met je?’ ”
Dutch HTB 2007 (Het Boek)
‘Wat bedoelt u met “Wat is er?” ’ barstte Micha uit. ‘U bent er met al mijn goden en mijn priester vandoor gegaan, ik heb niets meer over!’
Dutch SVV 2018 (Statenvertaling Jongbloed-editie)
Toen zeide hij: Gijlieden hebt mijn goden, die ik gemaakt had, weggenomen, mitsgaders den priester, en zijt weggegaan; wat heb ik nu meer? Wat is het dan, dat gij tot mij zegt: Wat is u?
Dutch Statenvertaling (Importantia edition)
Toen zeide hij: Gijlieden hebt mijn goden, die ik gemaakt had, weggenomen, mitsgaders den priester, en zijt weggegaan; wat heb ik nu meer? Wat is het dan, dat gij tot mij zegt: Wat is u?