Judges 2:10 — Compare Translations
10 translations compared side by side
Dutch (BB) 2016 BasisBijbel
Ook alle mensen van zijn tijd stierven. De Israëlieten die nu in het land leefden, kenden de Heer niet zelf. Ze hadden niet zelf gezien wat de Heer voor Israël had gedaan.
Dutch (HSV) 2017 (Herziene Statenvertaling)
en ook heel die generatie met zijn vaderen verenigd was, stond er na hen een andere generatie op, die de HEERE niet kende, en evenmin de daden die Hij voor Israël verricht had.
Dutch (NBG) Nederlands Bijbel Genootschap 1951
Nadat ook dat gehele geslacht tot zijn vaderen vergaderd was, kwam na hen een ander geslacht op, dat de HERE niet kende, noch het werk, dat Hij voor Israël gedaan had.
Dutch 1939 (De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939)
En toen ook heel dat geslacht tot zijn vaderen was verzameld, stond er een ander geslacht op, dat Jahweh niet kende, noch wist wat Hij voor Israël had gedaan.
Dutch 2007 (HTB)
Maar na verloop van tijd was die hele generatie gestorven; de volgende generatie kende de HERE niet en had de grote wonderen, die Hij voor Israël had gedaan, niet meegemaakt.
Dutch 2023 (Venster Bijbel)
en zijn hele generatie bij zijn voorgeslacht verzameld was, kwam er een volgende generatie, die niet zelf de Heer*** kende en niet zelf had gezien wat de Heer*** voor Israël had gedaan.
Dutch 2024 (EBV24 een Eigentijdse Bijbelvertaling)
Ook heel die generatie werd bij hun voor vaderen gevoegd. Na hen stond er een andere generatie op die de HEERE niet kende en ook het werk niet dat Hij voor Israël had gedaan.
Dutch HTB 2007 (Het Boek)
Maar na verloop van tijd waren die tijdgenoten ook gestorven en de volgende generatie kende de Here niet, zij hadden de grote wonderen die Hij voor Israël had gedaan, niet meegemaakt.
Dutch SVV 2018 (Statenvertaling Jongbloed-editie)
En al datzelve geslacht ook tot zijn vaderen vergaderd was; zo stond er een ander geslacht na hen op, dat den HEERE niet kende, noch ook het werk, dat Hij aan Israël gedaan had.
Dutch Statenvertaling (Importantia edition)
En al datzelve geslacht ook tot zijn vaderen vergaderd was; zo stond er een ander geslacht na hen op, dat den HEERE niet kende, noch ook het werk, dat Hij aan Israel gedaan had.