Judges 20:23 — Compare Translations
8 translations compared side by side
Dutch (BB) 2016 BasisBijbel
Een aantal Israëlieten ging naar het heiligdom van de Heer en treurde daar tot de avond. Daarna vroegen ze aan de Heer: "Moeten we opnieuw strijden tegen de stam van Benjamin, tegen mensen van ons eigen volk?" En de Heer zei: "Ja."
Dutch (HSV) 2017 (Herziene Statenvertaling)
En de Israëlieten trokken op en huilden voor het aangezicht van de HEERE tot 's avonds toe. Zij raadpleegden de HEERE en zeiden: Zal ik opnieuw de strijd aanbinden met mijn broeder, de Benjaminieten? En de HEERE zei: Trek tegen hem op.
Dutch (NBG) Nederlands Bijbel Genootschap 1951
En de Israëlieten gingen heen en weenden voor het aangezicht des HEREN tot aan de avond, waarna zij de HERE vroegen: Zal ik wederom ten strijde trekken tegen de zonen van mijn broeder Benjamin? En de HERE zeide: Trekt tegen hen op.
Dutch 1939 (De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939)
Nu trokken de Israëlieten naar Betel op; ze bleven tot de avond voor Jahweh wenen en vroegen Hem: Moet ik opnieuw de strijd aanbinden met mijn broeder Benjamin? En Jahweh antwoordde: Trekt tegen hem op.
Dutch 2023 (Venster Bijbel)
Ze weeklaagden tot aan de avond in de tegenwoordigheid van de Heer*** en raadpleegden de Heer***: "Moeten we opnieuw ten strijde trekken tegen de Benjaminieten, onze eigen volksgenoten?" En de Heer*** zei: "Trek ten strijde."
Dutch 2024 (EBV24 een Eigentijdse Bijbelvertaling)
Toen trokken de zonen van Israël op en huilden voor het aangezicht van de HEERE tot aan de avond. Zij vroegen de HEERE en zeiden: “Zal ik opnieuw de strijd aanbinden met de zonen van Benjamin, mijn broeder?” De HEERE zei: “Trek tegen hem op!”
Dutch SVV 2018 (Statenvertaling Jongbloed-editie)
En de kinderen Israëls togen op, en weenden voor het aangezicht des HEEREN tot op den avond, en vraagden den HEERE zeggende: Zal ik weder genaken ten strijde tegen de kinderen van Benjamin, mijn broeder? En de HEERE zeide: Trekt tegen hem op.
Dutch Statenvertaling (Importantia edition)
En de kinderen Israels togen op, en weenden voor het aangezicht des HEEREN tot op den avond, en vraagden den HEERE zeggende: Zal ik weder genaken ten strijde tegen de kinderen van Benjamin, mijn broeder? En de HEERE zeide: Trekt tegen hem op.