Judges 6:10 — Compare Translations
10 translations compared side by side
Dutch (BB) 2016 BasisBijbel
Ik heb tegen jullie gezegd: 'Ik ben jullie Heer God. Ga dus niet de goden aanbidden van de Amorieten van wie jullie het land hebben veroverd.' Maar jullie hebben niet naar Mij geluisterd."
Dutch (HSV) 2017 (Herziene Statenvertaling)
En Ik zei tegen u: Ik ben de HEERE, uw God! Vrees de goden van de Amorieten niet, in wier land u woont. Maar u hebt niet naar Mijn stem willen luisteren.
Dutch (NBG) Nederlands Bijbel Genootschap 1951
En Ik heb tot u gezegd: Ik ben de HERE, uw God; eert dan niet de goden van de Amorieten, in wier land gij woont. Maar gij hebt naar mijn stem niet geluisterd.
Dutch 1939 (De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939)
En Ik heb u gezegd: Ik ben Jahweh, uw God; ge moogt de goden der Amorieten, in wier land ge woont, niet vereren! Maar ge hebt naar Mij niet geluisterd.
Dutch 2007 (HTB)
Ik heb u gezegd: 'Ik ben de HERE, uw God; vereer geen goden van de Amorieten, die rondom u wonen'. Maar u hebt niet naar Mij geluisterd."
Dutch 2023 (Venster Bijbel)
Ik heb tegen jullie gezegd: 'Ik ben de Heer***, jullie God. Jullie wonen nu in het land van de Amorieten, maar jullie mogen niet hun goden vereren.' Maar jullie hebben Mij niet gehoorzaamd."
Dutch 2024 (EBV24 een Eigentijdse Bijbelvertaling)
Ik zei tegen jullie: Ik ben de HEERE, jullie GOD, wees niet bang voor de goden van de Amoriet en, ook al wonen jullie in hun land!’ Maar jullie hebben niet naar mijn stem geluisterd.”
Dutch HTB 2007 (Het Boek)
Ik heb u gezegd: “Ik ben de Here, uw God, vereer de goden van de Amorieten, die rondom u wonen, niet.” Maar u hebt niet naar Mij geluisterd.’
Dutch SVV 2018 (Statenvertaling Jongbloed-editie)
En Ik zeide tot ulieden: Ik ben de HEERE, uw God; vreest de goden der Amorieten niet, in welker land gij woont; maar gij zijt Mijner stem niet gehoorzaam geweest.
Dutch Statenvertaling (Importantia edition)
En Ik zeide tot ulieden: Ik ben de HEERE, uw God; vreest de goden der Amorieten niet, in welker land gij woont; maar gij zijt Mijner stem niet gehoorzaam geweest.