Leviticus 8:28 — Compare Translations
10 translations compared side by side
Dutch (BB) 2016 BasisBijbel
Daarna legde Mozes het op het altaar en verbrandde het. En de Heer was blij met dit offer dat Aäron en zijn zonen geschikt maakte om Hem te dienen.
Dutch (HSV) 2017 (Herziene Statenvertaling)
Daarna nam Mozes ze uit hun handen en liet ze in rook opgaan op het altaar, boven op het brandoffer. Het waren wijdingsoffers, als een aangename geur, het was een vuuroffer voor de HEERE.
Dutch (NBG) Nederlands Bijbel Genootschap 1951
Daarna nam Mozes het van hen over en deed het op het altaar op het brandoffer in rook opgaan; het was een wijdingsoffer tot een liefelijke reuk; een vuuroffer was het voor de HERE.
Dutch 1939 (De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939)
Toen nam Moses het weer uit hun handen, en deed het op het altaar tegelijk met het brandoffer in rook opgaan; dit was het welriekend wijdingsoffer, het vuuroffer voor Jahweh.
Dutch 2007 (HTB)
Mozes nam het daarna weer van hen over en verbrandde alles op het altaar, samen met het brandoffer als een aangenaam brandoffer voor de HERE.
Dutch 2023 (Venster Bijbel)
Daarna nam Mozes het uit hun handen en verbrandde het op het altaar, op het brandoffer. Zo was het wijdingsoffer een aangename geur voor de Heer***, een vuuroffer voor de Heer***.
Dutch 2024 (EBV24 een Eigentijdse Bijbelvertaling)
Daarna nam Mozes het weer uit hun handen en deed het op het altaar in rook opgaan, boven op het brandoffer. Het zijn wijdingsoffers tot een aangename geur, het is een vuuroffer voor de HEERE.
Dutch HTB 2007 (Het Boek)
Mozes nam het daarna weer van hen over en verbrandde alles op het altaar, samen met het brandoffer als een aangenaam brandoffer voor de Here.
Dutch SVV 2018 (Statenvertaling Jongbloed-editie)
Daarna nam Mozes ze uit hun handen, en stak ze aan op het altaar, op het brandoffer; zij waren vulofferen tot een liefelijken reuk; het was een vuuroffer den HEERE.
Dutch Statenvertaling (Importantia edition)
Daarna nam Mozes ze uit hun handen, en stak ze aan op het altaar, op het brandoffer; zij waren vulofferen tot een liefelijken reuk; het was een vuuroffer den HEERE.