Luke 14:15 — Compare Translations

13 translations compared side by side

Dutch (BB) 2016 BasisBijbel
Toen iemand van de andere mensen aan tafel dat hoorde, zei hij tegen Jezus: "Wat heerlijk als je aan tafel mag gaan in het Koninkrijk van God!"
Dutch (HSV) 2017 (Herziene Statenvertaling)
Toen een van hen die mee aanlagen, deze dingen hoorde, zei hij tegen Hem: Zalig is hij die brood zal eten in het Koninkrijk van God.
Dutch (NBG) Nederlands Bijbel Genootschap 1951
Toen iemand van de disgenoten dat hoorde, zeide hij tot Hem: Zalig wie brood eten zal in het Koninkrijk Gods.
Dutch 1939 (De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939)
Een der disgenoten, die dit hoorde, sprak tot Hem: Zalig hij, die maaltijd zal houden in het koninkrijk Gods.
Dutch 2007 (HTB)
Iemand bij Jezus aan tafel hoorde dit en zei: "Wat moet het heerlijk zijn in het Koninkrijk van God te komen!"
Dutch 2023 (Venster Bijbel)
Toen een van de andere gasten dat hoorde, zei hij tegen Jezus: "Gezegend is wie brood eet in het Koninkrijk van God!"
Dutch 2024 (EBV24 een Eigentijdse Bijbelvertaling)
Toen één van hen die mee aanlagen dit alles hoorde, zei hij tegen Hem: “Gelukkig is hij die brood zal eten in het Koninkrijk van GOD!”
Dutch Frisian
Oba aus eena von dän, dee met am aum Desch lage, daut head, säd hee too am: Seelijch, es wea äte woat daut Mohl em Ritj Gottes!
Dutch GBVNT (Gods Boek - het Nieuwe Testament)
Eén van Jezus' tafelgenoten hoorde dat en zei: “Wat een zegen moet het zijn om te mogen deelnemen aan het feestmaal in Gods koninkrijk!”
Dutch HTB 2007 (Het Boek)
Iemand bij Jezus aan tafel hoorde dit en zei: ‘Wat moet het heerlijk zijn in het Koninkrijk van God te komen!’
Dutch Reimer 2001
Eena fonn dee, dee met am saut, aus hee daut head saed: "Jesaeajent es dee, dee enn Gott sien Rikj Broot aete woat."
Dutch SVV 2018 (Statenvertaling Jongbloed-editie)
En als een van degenen, die mede aanzaten, deze dingen hoorde, zeide hij tot Hem: Zalig is hij, die brood eet in het Koninkrijk Gods.
Dutch Statenvertaling (Importantia edition)
En als een van degenen, die mede aanzaten, deze dingen hoorde, zeide hij tot Hem: Zalig is hij, die brood eet in het Koninkrijk Gods.