Luke 7:43 — Compare Translations
13 translations compared side by side
Dutch (BB) 2016 BasisBijbel
Simon antwoordde: "Ik neem aan de man die de grootste schuld had." Jezus zei tegen hem: "Dat heb je goed gezien."
Dutch (HSV) 2017 (Herziene Statenvertaling)
Simon antwoordde en zei: Ik denk dat hij het is aan wie hij het meeste kwijtgescholden heeft. Hij zei tegen hem: U hebt juist geoordeeld.
Dutch (NBG) Nederlands Bijbel Genootschap 1951
Simon antwoordde en zeide: Ik onderstel, hij, aan wie hij het meeste geschonken heeft. Hij zeide tot hem: Gij hebt juist geoordeeld.
Dutch 1939 (De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939)
Simon antwoordde: Ik vermoed: hij, wien hij het meest heeft kwijtgescholden. Hij zei hem: Ge hebt juist geoordeeld.
Dutch 2007 (HTB)
"Ik denk de man die hem het meeste geld schuldig was", antwoordde Simon. "Precies", zei Jezus.
Dutch 2023 (Venster Bijbel)
Simon antwoordde: "Ik neem aan degene aan wie hij de grootste schuld heeft kwijtgescholden." Jezus zei tegen hem: "Dat heb je goed gezien."
Dutch 2024 (EBV24 een Eigentijdse Bijbelvertaling)
Simeon antwoordde en zei: “Ik denk degene aan wie het meest kwijtgescholden werd.” Jezus zei tegen hem: “Je hebt juist geoordeeld.”
Dutch Frisian
Oba Siemoon auntwuad en säd: Etj meen, däm hee daut measchte jeschentjt haft. Oba hee säd too am: Dü hast rejchtijch jeuadeelt.
Dutch GBVNT (Gods Boek - het Nieuwe Testament)
Simon antwoordde: “Ik veronderstel de persoon aan wie het grootste bedrag was kwijtgescholden.” Jezus zei tegen hem: “Je hebt het juiste antwoord gegeven.”
Dutch HTB 2007 (Het Boek)
‘Ik denk de man die hem het meeste geld schuldig was,’ antwoordde Simon. ‘Precies,’ zei Jezus.
Dutch Reimer 2001
Siemoon auntwuad: "Ekj wudd denkje dautet dee wudd senne dee daut measchte fetseit wea".
Dutch SVV 2018 (Statenvertaling Jongbloed-editie)
En Simon, antwoordende, zeide: Ik acht, dat hij het is, dien hij het meeste kwijtgescholden heeft. En Hij zeide tot hem: Gij hebt recht geoordeeld.
Dutch Statenvertaling (Importantia edition)
En Simon, antwoordende, zeide: Ik acht, dat hij het is, dien hij het meeste kwijtgescholden heeft. En Hij zeide tot hem: Gij hebt recht geoordeeld.