Mark 10:32 — Compare Translations
13 translations compared side by side
Dutch (BB) 2016 BasisBijbel
Ze waren op weg naar Jeruzalem. Jezus liep voor hen uit. De leerlingen en de andere mensen die met hen meeliepen, waren ongerust. Opnieuw nam Jezus de twaalf leerlingen apart. Hij begon hun opnieuw te vertellen wat er met Hem zou gaan gebeuren.
Dutch (HSV) 2017 (Herziene Statenvertaling)
En zij waren onderweg en gingen naar Jeruzalem en Jezus ging hen voor; en zij waren verbaasd en terwijl zij Hem volgden, waren zij bevreesd. En toen Hij de twaalf opnieuw bij Zich genomen had, begon Hij tegen hen te zeggen wat Hem overkomen zou:
Dutch (NBG) Nederlands Bijbel Genootschap 1951
Zij waren onderweg, opgaande naar Jeruzalem, en Jezus ging vóór hen uit, en zij waren verbaasd en zij, die volgden, waren bevreesd. En wederom nam Hij de twaalven terzijde en begon tot hen te spreken over hetgeen over Hem zou komen:
Dutch 1939 (De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939)
Zij waren nu op weg naar Jerusalem; Jesus ging voor hen uit, en zij volgden Hem, ontsteld en bevreesd. Hij nam de twaalf weer om Zich heen, en begon hun te zeggen, wat er met Hem zou gebeuren.
Dutch 2007 (HTB)
Zij waren op weg naar Jeruzalem en Jezus liep voorop. De mensen die met Hem meeliepen, waren verbijsterd en bang. Jezus nam Zijn twaalf discipelen nog even apart. Hij vertelde hun wat Hem in Jeruzalem te wachten stond.
Dutch 2023 (Venster Bijbel)
Ze waren op weg naar Jeruzalem. Jezus liep voor de leerlingen uit. Ze waren ongerust en ook degenen die Hem volgden waren bevreesd. Opnieuw riep Jezus de twaalf bij Zich en begon hun te vertellen wat er met Hem zou gebeuren:
Dutch 2024 (EBV24 een Eigentijdse Bijbelvertaling)
Zij gingen op weg naar Jeruzalem en Jezus liep voor hen uit. Zij waren verbaasd en terwijl zij Hem volgden, waren zij bevreesd. Hij nam zijn twaalf apostelen apart en begon hun te zeggen wat er met Hem zou gaan gebeuren:
Dutch Frisian
Oba see weare oppem Wajch enopp no Jerusalem, en Jesus jintj ver ahn; en see erschratjte ängste sich, enn däm see am nofoljde, haude see Angst. En hee nehm wada de Twalw no sich en funk aun, ahn too saje, waut met am passeare sull:
Dutch GBVNT (Gods Boek - het Nieuwe Testament)
Nu waren ze onderweg naar Jeruzalem; Jezus wandelde voorop. Zijn leerlingen waren verbijsterd en de mensen die met hen meekwamen waren bang. Opnieuw nam Hij de Twaalf apart en begon Hij hun te vertellen wat er met Hem zou gebeuren.
Dutch HTB 2007 (Het Boek)
Zij waren op weg naar Jeruzalem en Jezus liep voorop. De mensen die met Hem meeliepen, waren verbijsterd en bang. Jezus nam de twaalf nog eens apart. Hij vertelde hun wat Hem in Jeruzalem te wachten stond.
Dutch Reimer 2001
Nu weare see oppem Wajch no Jerusalem oppto, en Jesus jinkj feropp; en see weare erstaunt, en dee doa nefoljde haude Angst. Donn neem hee wada dee Twalw, en funk aun an faea to laje waut boolt paseare wudd:
Dutch SVV 2018 (Statenvertaling Jongbloed-editie)
En zij waren op den weg, gaande op naar Jeruzalem; en Jezus ging voor hen; en zij waren verbaasd, en Hem volgende, waren zij bevreesd. En de twaalven wederom tot Zich nemende, begon Hij hun te zeggen de dingen, die Hem overkomen zouden;
Dutch Statenvertaling (Importantia edition)
En zij waren op den weg, gaande op naar Jeruzalem; en Jezus ging voor hen; en zij waren verbaasd, en Hem volgende, waren zij bevreesd. En de twaalven wederom tot Zich nemende, begon Hij hun te zeggen de dingen, die Hem overkomen zouden;