Matthew 11:16 — Compare Translations

13 translations compared side by side

Dutch (BB) 2016 BasisBijbel
Maar waarmee zal Ik deze mensen vergelijken? Ze lijken op de kinderen die op de markt zitten en naar hun vriendjes roepen:
Dutch (HSV) 2017 (Herziene Statenvertaling)
Maar waarmee zal Ik dit geslacht vergelijken? Het is zoals de kinderen die op de markt zitten en hun vriendjes toeroepen:
Dutch (NBG) Nederlands Bijbel Genootschap 1951
Doch waarmede zal Ik dit geslacht vergelijken? Het is gelijk aan kinderen, die op de markten zitten en de anderen toeroepen:
Dutch 1939 (De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939)
Doch waarmee zal Ik dit geslacht vergelijken? Het is gelijk aan kinderen, die op de markt zitten, en hun makkers toeroepen:
Dutch 2007 (HTB)
Wat kan Ik over u zeggen? U bent net kinderen die buiten spelen en tegen hun vriendjes zeggen:
Dutch 2023 (Venster Bijbel)
Maar waarmee zal Ik dit geslacht vergelijken? Het lijkt op de kinderen die op de markt zitten en naar hun vriendjes roepen:
Dutch 2024 (EBV24 een Eigentijdse Bijbelvertaling)
“Waarmee zal Ik dit menselijk geslacht vergelijken? Het zijn net kinderen die op de markt zitten en hun kameraadjes toeroepen,
Dutch Frisian
Met wäm saul etj oba dit Jeschlajcht vejlitje? Daut es de Tjinja tofejlitje, dee aum Moatjtplautz sette en roope äare Jäajna too
Dutch GBVNT (Gods Boek - het Nieuwe Testament)
Waarmee zal ik dit soort mensen vergelijken? Ze zijn als kinderen die op de marktpleinen zitten en naar anderen roepen:
Dutch HTB 2007 (Het Boek)
Wat kan Ik over u zeggen? U bent net kinderen die buiten spelen en tegen elkaar zeggen:
Dutch Reimer 2001
Oba met waut saul ekj dit Jeschlajcht fekjlike? Daut es soo aus Kjinje dee em Moakjtplauts sette en aundre aunroope,
Dutch SVV 2018 (Statenvertaling Jongbloed-editie)
Doch waarbij zal Ik dit geslacht vergelijken? Het is gelijk aan de kinderkens, die op de markten zitten, en hun gezellen toeroepen,
Dutch Statenvertaling (Importantia edition)
Doch waarbij zal Ik dit geslacht vergelijken? Het is gelijk aan de kinderkens, die op de markten zitten, en hun gezellen toeroepen,