Matthew 26:52 — Compare Translations

13 translations compared side by side

Dutch (BB) 2016 BasisBijbel
Maar Jezus zei tegen hem: "Doe je zwaard weg. Want mensen die geweld gebruiken, zullen door geweld sterven.
Dutch (HSV) 2017 (Herziene Statenvertaling)
Toen zei Jezus tegen hem: Doe uw zwaard terug op zijn plaats, want allen die naar het zwaard grijpen, zullen door het zwaard omkomen.
Dutch (NBG) Nederlands Bijbel Genootschap 1951
Toen zeide Jezus tot hem: Breng uw zwaard weder op zijn plaats, want allen, die naar het zwaard grijpen, zullen door het zwaard omkomen.
Dutch 1939 (De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939)
Jesus sprak tot hem: Steek uw zwaard op zijn plaats; want allen, die het zwaard trekken, zullen omkomen door het zwaard.
Dutch 2007 (HTB)
"Doe dat zwaard weg", zei Jezus tegen hem. "Wie geweld gebruikt, zal zelf door geweld omkomen.
Dutch 2023 (Venster Bijbel)
Maar Jezus zei tegen hem: "Steek je zwaard weg, want wie het zwaard gebruiken, zullen door het zwaard omkomen.
Dutch 2024 (EBV24 een Eigentijdse Bijbelvertaling)
Toen zei Jezus tegen hem: “Breng het zwaard weer terug naar zijn plaats, want wie naar het zwaard grijpen, zullen door het zwaard sterven.
Dutch Frisian
Donn säd Jesus too am: Stäatj dien Schweat wada aun sien Plautz; dan aula, dee daut Schweat nehme, woare derjch et Schweat ommkohme.
Dutch GBVNT (Gods Boek - het Nieuwe Testament)
Maar Jezus zei tegen hem: “Steek je zwaard terug op zijn plaats, want ieder die naar het zwaard grijpt, zal door het zwaard omkomen.
Dutch HTB 2007 (Het Boek)
‘Doe dat zwaard weg,’ zei Jezus tegen hem. ‘Wie geweld gebruikt, zal zelf door geweld omkomen.
Dutch Reimer 2001
Donn saed Jesus to am: "Staeakj dien Schweat trig wua daut hanjeheat, dan waeaemma en Schweat nemt, woat ommkome derch en Schweat.
Dutch SVV 2018 (Statenvertaling Jongbloed-editie)
Toen zeide Jezus tot hem: Keer uw zwaard weder in zijn plaats; want allen, die het zwaard nemen, zullen door het zwaard vergaan.
Dutch Statenvertaling (Importantia edition)
Toen zeide Jezus tot hem: Keer uw zwaard weder in zijn plaats; want allen, die het zwaard nemen, zullen door het zwaard vergaan.