Micah 7:3 — Compare Translations

10 translations compared side by side

Dutch (BB) 2016 BasisBijbel
De mensen doen alleen maar slechte dingen. De koning en de rechter laten zich omkopen. De machtige mensen spannen samen om te kunnen doen wat ze willen.
Dutch (HSV) 2017 (Herziene Statenvertaling)
Om kwaad te doen staan hun handen goed: de vorst eist, de rechter doet uitspraak tegen betaling, wie groot is, beslist naar eigen begeerte en zo verdraaien zij de zaak.
Dutch (NBG) Nederlands Bijbel Genootschap 1951
Tot kwaad doen staan de handen goed; de vorst eist en de rechter laat zich betalen, en de grote, die spreekt naar eigen believen; en zo zetten zij de zaak in elkaar.
Dutch 1939 (De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939)
Hun handen deugen enkel voor kwaad. De vorst zuigt uit, de rechter is veil, De grote roept openlijk wat hij wil;
Dutch 2007 (HTB)
Zij staan altijd klaar om kwaad te doen. Bestuursfunctionarissen en rechters eisen steekpenningen. De rijke koopt hen om en zegt wie zij moeten ruïneren. Zo verdraaien zij de rechtspraak.
Dutch 2023 (Venster Bijbel)
De handen zijn bedreven in het kwaad. Daarom stellen de heersers eisen, de rechters vragen steekpenningen, de machtigen hebben het voor het zeggen en zo spannen ze allemaal samen.
Dutch 2024 (EBV24 een Eigentijdse Bijbelvertaling)
Hun beide handen zijn klaar om kwaad te doen. De vorst vraagt en de rechter doet het voor een vergoeding, en wie groot is, spreekt overeenkomstig de kwade begeerte van zijn ziel en zo verdraaien zij de zaak.
Dutch HTB 2007 (Het Boek)
Zij staan altijd klaar om kwaad te doen. Bestuursfunctionarissen en rechters eisen steekpenningen. De rijke koopt hen om en zegt wie zij moeten ruïneren. Zo verdraaien zij de rechtspraak.
Dutch SVV 2018 (Statenvertaling Jongbloed-editie)
Om met beide handen wel dapper kwaad te doen, zo eist de vorst, en de rechter oordeelt om vergelding; en de grote spreekt de verderving zijner ziel, en zij draaien ze dicht ineen.
Dutch Statenvertaling (Importantia edition)
Om met beide handen wel dapper kwaad te doen, zo eist de vorst, en de rechter oordeelt om vergelding; en de grote spreekt de verderving zijner ziel, en zij draaien ze dicht ineen.