Nehemiah 6:3 — Compare Translations

10 translations compared side by side

Dutch (BB) 2016 BasisBijbel
Daarom stuurde ik boodschappers naar hen toe met het volgende antwoord: "Ik heb heel veel werk te doen. Ik kan niet komen. Want als ik naar u toe kom, blijft het werk hier stilliggen."
Dutch (HSV) 2017 (Herziene Statenvertaling)
Toen stuurde ik boden naar hen toe om te zeggen: Ik ben met een groot werk bezig en kan niet komen. Waarom zou het werk stilliggen omdat ik het nalaat en naar u toe kom?
Dutch (NBG) Nederlands Bijbel Genootschap 1951
Toen zond ik tot hen boden met het antwoord: Ik ben bezig een groot werk te doen en kan niet komen. Waarom zou het werk stil liggen, doordat ik het verliet en tot u kwam?
Dutch 1939 (De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939)
zond ik boden tot hen terug met het antwoord: Ik heb een groot werk onder handen, en kan dus niet komen. Het werk zou zeker stil blijven liggen, als ik mij er van terugtrok, om tot u te komen.
Dutch 2007 (HTB)
Ik stuurde afgevaardigden terug met het antwoord: "Ik ben bezig met belangrijk werk! Waarom zou ik het stilleggen om u te bezoeken?"
Dutch 2023 (Venster Bijbel)
Daarom zond ik boden om te zeggen: "Ik ben met belangrijk werk bezig en kan niet komen. Het werk mag niet stil komen te liggen doordat ik het verlaat om naar u toe te gaan."
Dutch 2024 (EBV24 een Eigentijdse Bijbelvertaling)
Ik zond boden naar hen toe om te zeggen: “Ik ben bezig met een groot werk en kan niet naar het dal afdalen. Waarom zou dit werk door mijn nalatigheid stilliggen en zou ik naar jullie afdalen?”
Dutch HTB 2007 (Het Boek)
Ik stuurde afgevaardigden terug met het antwoord: ‘Ik ben bezig met belangrijk werk! Waarom zou ik het stilleggen om u te bezoeken?’
Dutch SVV 2018 (Statenvertaling Jongbloed-editie)
En ik zond boden tot hen, om te zeggen: Ik doe een groot werk, zodat ik niet zal kunnen afkomen; waarom zou dit werk ophouden, terwijl ik het zou nalaten, en tot ulieden afkomen?
Dutch Statenvertaling (Importantia edition)
En ik zond boden tot hen, om te zeggen: Ik doe een groot werk, zodat ik niet zal kunnen afkomen; waarom zou dit werk ophouden, terwijl ik het zou nalaten, en tot ulieden afkomen?