Numbers 11:20 — Compare Translations

8 translations compared side by side

Dutch (BB) 2016 BasisBijbel
Tot het jullie de neus uitkomt en jullie ervan walgen. Want jullie hebben geen zin gehad om de Heer die bij jullie woont, te vertrouwen. Want jullie hebben tegen Hem gejammerd: 'Waarom zijn we eigenlijk uit Egypte vertrokken?' "
Dutch (HSV) 2017 (Herziene Statenvertaling)
maar tot een volle maand, totdat het u de neus uit komt en u ervan walgt. Want u hebt de HEERE, Die in uw midden is, verworpen, en hebt voor Zijn aangezicht gejammerd: Waarom zijn wij eigenlijk uit Egypte vertrokken?
Dutch (NBG) Nederlands Bijbel Genootschap 1951
maar een volle maand lang, totdat het uw neus uitkomt en gij ervan walgt – omdat gij de HERE hebt veracht, die in uw midden is en aldus voor zijn aangezicht hebt gejammerd: Waarom toch zijn wij uit Egypte getrokken?
Dutch 1939 (De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939)
maar een hele maand lang, totdat het uw neus uitkomt en gij ervan walgt; want gij hebt Jahweh veracht, die in uw midden woont, en tegen Hem durven klagen: "Waarom zijn wij uit Egypte getrokken?"
Dutch 2023 (Venster Bijbel)
tot het jullie de neus uitkomt en jullie ervan walgen. Want jullie hebben de Heer***, die bij jullie woont, verworpen. Jullie hebben tegen Hem gejammerd: 'Waarom zijn we toch uit Egypte vertrokken?' "
Dutch 2024 (EBV24 een Eigentijdse Bijbelvertaling)
maar alle dagen van de maand, totdat het jullie neus uitkomt en jullie ervan walgen, omdat jullie de HEERE die in jullie midden is, verworpen hebben en voor zijn aangezicht hebben gejammerd en gezegd: Waarom zijn wij toch uit Egypte opgetrokken?’ ”
Dutch SVV 2018 (Statenvertaling Jongbloed-editie)
Tot een gehele maand toe, totdat het uit uw neus uitga, en u tot een walging zij; overmits gij den HEERE, Die in het midden van u is, verworpen hebt, en hebt voor Zijn aangezicht geweend, zeggende: Waarom nu zijn wij uit Egypte getogen?
Dutch Statenvertaling (Importantia edition)
Tot een gehele maand toe, totdat het uit uw neus uitga, en u tot walging zij; overmits gij den HEERE, Die in het midden van u is, verworpen hebt, en hebt voor Zijn aangezicht geweend, zeggende: Waarom nu zijn wij uit Egypte getogen?