Numbers 19:16 — Compare Translations

10 translations compared side by side

Dutch (BB) 2016 BasisBijbel
Als iemand op het veld een mens aanraakt die is gestorven of gedood, is hij zeven dagen onrein. Ook als hij menselijke botten of een graf aanraakt.
Dutch (HSV) 2017 (Herziene Statenvertaling)
En ieder die in het open veld iemand die door het zwaard gevallen is, een dode, de beenderen van een mens of een graf aanraakt, is zeven dagen onrein.
Dutch (NBG) Nederlands Bijbel Genootschap 1951
Ook zal ieder die op het veld iemand aanraakt, die met het zwaard gedood is, of een lijk, of het gebeente van een mens, of een graf, zeven dagen onrein zijn.
Dutch 1939 (De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939)
Zo ook is iedereen, die in het open veld iemand aanraakt, die door het zwaard is vermoord, of een natuurlijke dood is gestorven, de beenderen van een mens, of een graf, zeven dagen onrein.
Dutch 2007 (HTB)
Als iemand buiten in het veld het lichaam aanraakt van iemand die in de strijd of op een andere manier is gestorven of als hij een bot of een graf aanraakt, zal hij zeven dagen onrein zijn.
Dutch 2023 (Venster Bijbel)
En iedereen die in het open veld een mens aanraakt die is gestorven of door geweld is gedood, is zeven dagen onrein. Ook wie menselijke beenderen of een graf aanraakt, is zeven dagen onrein.
Dutch 2024 (EBV24 een Eigentijdse Bijbelvertaling)
Ieder die in het open veld iemand die door het zwaard doorboord is of een dode of het gebeente van een mens of een graf aanraakt, zal zeven dagen onrein zijn.
Dutch HTB 2007 (Het Boek)
Als iemand buiten in het veld het lichaam aanraakt van iemand die in de strijd of op een andere manier is gestorven of als hij een bot of een graf aanraakt, zal hij zeven dagen onrein zijn.
Dutch SVV 2018 (Statenvertaling Jongbloed-editie)
En al wie in het open veld een, die met het zwaard verslagen is, of een dode, of het gebeente eens mensen, of een graf zal aangeroerd hebben, zal zeven dagen onrein zijn.
Dutch Statenvertaling (Importantia edition)
En al wie in het open veld een, die met het zwaard verslagen is, of een dode, of het gebeente eens mensen, of een graf zal aangeroerd hebben, zal zeven dagen onrein zijn.