Numbers 31:36 — Compare Translations

10 translations compared side by side

Dutch (BB) 2016 BasisBijbel
De helft van de buit was voor de mannen die gevochten hadden. Ze kregen: 337.500 schapen.
Dutch (HSV) 2017 (Herziene Statenvertaling)
De helft daarvan, namelijk het aandeel voor hen die met het leger uitgetrokken waren, was een aantal van driehonderdzevenendertigduizend vijfhonderd schapen.
Dutch (NBG) Nederlands Bijbel Genootschap 1951
En de helft, het aandeel van degenen die in de strijd uitgetrokken waren, was tezamen driehonderdzevenendertigduizend vijfhonderd schapen,
Dutch 1939 (De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939)
De helft, die toekwam aan hen, die ten strijde waren getrokken, bedroeg: aan schapen drie honderd zeven en dertig duizend vijfhonderd,
Dutch 2007 (HTB)
De helft van de buit, die aan het leger toekwam, bestond uit: 337.500 schapen (waarvan 675 aan de HERE werden gegeven), 36.000 runderen (waarvan 72 aan de HERE werden gegeven), 30.500 ezels (waarvan 61 aan de HERE werden gegeven) en 31:16.000 jonge meisjes (van wie 32 aan de Levieten werden gegeven).
Dutch 2023 (Venster Bijbel)
De helft daarvan, namelijk het deel voor degenen die aan de strijd hadden deelgenomen, bestond uit 337.500 schapen en geiten,
Dutch 2024 (EBV24 een Eigentijdse Bijbelvertaling)
De ene helft, het deel van hen die met het leger uitgetrokken waren, bedroeg driehonderdzevenendertigduizend vijfhonderd stuks schapen en geiten.
Dutch HTB 2007 (Het Boek)
De helft van de buit, die aan het leger toekwam, bestond uit: 337.500 schapen (waarvan 675 aan de Here werden gegeven), 36.000 runderen (waarvan 72 aan de Here werden gegeven), 30.500 ezels (waarvan 61 aan de Here werden gegeven) en 16.000 jonge meisjes (van wie 32 aan de Levieten werden gegeven).
Dutch SVV 2018 (Statenvertaling Jongbloed-editie)
En de helft, te weten het deel dergenen, die tot dezen krijg uitgetogen waren, was in getal driehonderd zeven en dertig duizend en vijfhonderd schapen.
Dutch Statenvertaling (Importantia edition)
En de helft, te weten het deel dergenen, die tot dezen krijg uitgetogen waren, was in getal driehonderd zeven en dertig duizend en vijfhonderd schapen.