Revelation 10:9 — Compare Translations
13 translations compared side by side
Dutch (BB) 2016 BasisBijbel
Ik ging naar de engel en vroeg hem om het boekje. De engel zei: "Neem het en eet het op. Het zal je buik bitter maken. Maar in je mond zal het zo zoet smaken als honing."
Dutch (HSV) 2017 (Herziene Statenvertaling)
En ik ging naar de Engel toe en zei tegen Hem: Geef mij dat boekje. En Hij zei tegen mij: Neem het en eet het op, en het zal uw buik bitter maken, maar in uw mond zal het zoet zijn als honing.
Dutch (NBG) Nederlands Bijbel Genootschap 1951
En ik ging heen tot de engel en zeide tot hem, dat hij mij het boekje zou geven. En hij zeide tot mij: Neem het en eet het op, en het zal uw buik bitter maken, maar in uw mond zal het zoet zijn als honing.
Dutch 1939 (De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939)
Ik ging heen naar den engel en vroeg hem, mij het boekje te geven. En hij sprak tot mij: Neem het en eet het op; voor uw buik zal het bitter zijn, maar in uw mond zal het zoet zijn als honing.
Dutch 2007 (HTB)
Ik ging naar de engel toe en vroeg hem mij het boek te geven. "Hier", zei hij, "eet het op. Het zal zwaar op uw maag liggen, maar in uw mond zo zoet zijn als honing."
Dutch 2023 (Venster Bijbel)
Ik ging naar de engel toe en vroeg hem mij die kleine boekrol te geven. De engel zei: "Neem hem en eet hem op. Hij zal je buik bitter maken, maar in je mond zal hij zo zoet zijn als honing."
Dutch 2024 (EBV24 een Eigentijdse Bijbelvertaling)
Ik ging naar de engel toe en vroeg hem om mij de kleine boek rol te geven. Hij zei tegen mij: “Neem hem en eet hem op. Hij zal je buik bitter maken, maar in je mond zal hij zoet zijn als honing.”
Dutch Frisian
En etj jintj no däm Enjel en säd am, hee mucht mie daut Buaktje jäwe. En hee säd too mie: Nehm daut en at daut opp; en daut woat dien Buk betta moake, oba enn dienem Mül woat daut seet senne aus Honijch.
Dutch GBVNT (Gods Boek - het Nieuwe Testament)
Ik ging naar de engel toe en vroeg hem mij de kleine boekrol te geven. Hij zei tegen mij: “Neem hem aan en eet hem op. Hij zal je maag bitter maken, maar in je mond zo zoet zijn als honing.”
Dutch HTB 2007 (Het Boek)
Ik ging naar de engel toe en vroeg hem mij het boek te geven. ‘Hier,’ zei hij, ‘eet het op. Het zal u zwaar op de maag liggen, maar in uw mond zo zoet zijn als honing.’
Dutch Reimer 2001
En ekj jinkj no daem Enjel, en saed to am: "Jef mie daut kjleenet Buak". En hee saed to mie: "Nem daut Buak en at daut opp, en daut woat beta senne enn dien Buk, oba enn dien Mul woat daut seet senne soo aus seeta Honnich".
Dutch SVV 2018 (Statenvertaling Jongbloed-editie)
En ik ging henen tot den engel, zeggende tot hem: Geef mij dat boeksken. En hij zeide tot mij: Neem dat en eet het op; en het zal uw buik bitter maken, maar in uw mond zal het zoet zijn als honig.
Dutch Statenvertaling (Importantia edition)
En ik ging henen tot den engel, zeggende tot hem: Geef mij dat boeksken. En hij zeide tot mij: Neem dat en eet het op; en het zal uw buik bitter maken, maar in uw mond zal het zoet zijn als honig.