Ruth 1:20 — Compare Translations

10 translations compared side by side

Dutch (BB) 2016 BasisBijbel
Maar Naomi zei tegen hen: "Noem mij maar geen Naomi [(= 'mooi en vriendelijk')] meer. Noem mij voortaan maar Mara [(= 'bitter')]. Want de Almachtige God heeft mijn leven bitter gemaakt.
Dutch (HSV) 2017 (Herziene Statenvertaling)
Maar zij zei tegen hen: Noem mij niet Naomi, noem mij Mara, want de Almachtige heeft mij grote bitterheid aangedaan.
Dutch (NBG) Nederlands Bijbel Genootschap 1951
Maar zij zeide tot haar: Noemt mij niet Noömi; noemt mij Mara, want de Almachtige heeft mij veel bitterheid aangedaan.
Dutch 1939 (De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939)
Doch zij zeide haar: Noemt me niet Noömi, maar noemt me Mari, want de Almachtige heeft mij met bitterheid vervuld.
Dutch 2007 (HTB)
Maar Naomi antwoordde: "Noem mij geen Naomi meer. Noem mij Mara. (A) Want de Almachtige God heeft mij veel bittere ervaringen laten doorstaan.
Dutch 2023 (Venster Bijbel)
Maar zij zei tegen hen: "Noem mij niet meer Naomi, maar Mara, want de Almachtige heeft mijn leven zeer bitter gemaakt.
Dutch 2024 (EBV24 een Eigentijdse Bijbelvertaling)
Zij zei tegen hen: “Noem mij niet ‘Naomi’, noem mij ‘Mara’, want de Almachtige heeft mij grote bitterheid aangedaan.
Dutch HTB 2007 (Het Boek)
Maar Naomi antwoordde: ‘Noem mij geen Naomi (Aangenaam) meer. Noem mij Mara (Bitter). Want de Almachtige God heeft mijn leven bitter gemaakt.
Dutch SVV 2018 (Statenvertaling Jongbloed-editie)
Maar zij zeide tot henlieden: Noemt mij niet Naómi, noemt mij Mara; want de Almachtige heeft mij grote bitterheid aangedaan.
Dutch Statenvertaling (Importantia edition)
Maar zij zeide tot henlieden: Noemt mij niet Naomi, noemt mij Mara; want de Almachtige heeft mij grote bitterheid aangedaan.