bible
ra
🌐 Language
English
Español
Français
Deutsch
Português
Italiano
Nederlands
Русский
中文
日本語
한국어
العربية
Türkçe
Tiếng Việt
ไทย
Indonesia
All Languages
Home
/
Dutch
/
Dutch 2007 (HTB)
/
Hebrews 5
Hebrews 5
Dutch 2007 (HTB)
← Chapter 4
Jump to:
Chapter 1
Chapter 2
Chapter 3
Chapter 4
Chapter 5
Chapter 6
Chapter 7
Chapter 8
Chapter 9
Chapter 10
Chapter 11
Chapter 12
Chapter 13
Chapter 6 →
1
De hogepriester van Israël is gewoon een mens, die de speciale taak heeft zijn medemensen bij God te vertegenwoordigen. Hij biedt God hun gaven aan en offert Hem de dieren die zijn gegeven om niet alleen de zonden van de mensen, maar ook die van hemzelf te bedekken.
2
Omdat hij zelf een mens is, kan hij andere mensen vriendelijk tegemoet treden, ook al zijn zij afgeweken en onwetend.
3
Hij staat immers aan dezelfde verleidingen bloot en begrijpt hun problemen daarom heel goed.
4
Niemand kan hogepriester worden omdat hij dat zelf zo graag wil. Hij moet door God voor dit werk geroepen zijn, net als Aäron.
5
Ook Christus heeft Zichzelf niet uitgekozen om hogepriester te worden. God koos Hem en zei tegen Hem: "Mijn Zoon, vandaag heb Ik U het leven gegeven." (a)
6
Een andere keer zei God tegen Hem: "Ik heb U uitgekozen om voor altijd priester te zijn op dezelfde wijze als Melchizédek." (B)
7
Terwijl Hij hier op aarde was, heeft Christus onder tranen geroepen tot God, Die Hem van de dood kon redden. God verhoorde Zijn gebeden, omdat Hij Zich aan Gods wil onderwierp.
8
Zelfs al was Jezus de Zoon van God, toch moest Hij uit ervaring leren wat gehoorzaamheid was. Ook als dat pijn en verlatenheid betekende.
9
Nadat Jezus had bewezen daarin volmaakt te zijn, werd Hij de gever van eeuwige redding voor alle mensen die Hem gehoorzamen.
10
God had Hem immers aangewezen als hogepriester, op dezelfde wijze als Melchizédek.
11
Ik zou hierover nog veel meer willen zeggen, maar u luistert gewoon niet; daarom kan ik het zo moeilijk duidelijk maken.
12
Nu u al een hele tijd christen bent, zou u eigenlijk anderen moeten onderwijzen. Maar u bent helaas zover teruggevallen dat de eerste beginselen van het christen-zijn u weer moeten worden bijgebracht. U bent net babies die geen vast voedsel kunnen verdragen en daarom nog melk moeten drinken.
13
Als iemand nog op melk moet leven, blijkt daaruit dat hij als christen niet erg ver gevorderd is; hij kent nauwelijks het verschil tussen goed en kwaad. Hij is nog een baby!
14
Zo zult u de zwaardere kost nooit kunnen verdragen. Die zwaardere kost is voor hen die goed en kwaad uit elkaar kunnen houden. Zij kunnen opgroeien tot volwassen christenen.
← Chapter 4
Jump to:
Chapter 1
Chapter 2
Chapter 3
Chapter 4
Chapter 5
Chapter 6
Chapter 7
Chapter 8
Chapter 9
Chapter 10
Chapter 11
Chapter 12
Chapter 13
Chapter 6 →
All chapters:
1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
11
12
13