bible
ra
🌐 Language
English
Español
Français
Deutsch
Português
Italiano
Nederlands
Русский
中文
日本語
한국어
العربية
Türkçe
Tiếng Việt
ไทย
Indonesia
All Languages
Home
/
Dutch
/
Dutch 2007 (HTB)
/
Deuteronomy 17
Deuteronomy 17
Dutch 2007 (HTB)
← Chapter 16
Jump to:
Chapter 1
Chapter 2
Chapter 3
Chapter 4
Chapter 5
Chapter 6
Chapter 7
Chapter 8
Chapter 9
Chapter 10
Chapter 11
Chapter 12
Chapter 13
Chapter 14
Chapter 15
Chapter 16
Chapter 17
Chapter 18
Chapter 19
Chapter 20
Chapter 21
Chapter 22
Chapter 23
Chapter 24
Chapter 25
Chapter 26
Chapter 27
Chapter 28
Chapter 29
Chapter 30
Chapter 31
Chapter 32
Chapter 33
Chapter 34
Chapter 18 →
1
"Offer nooit een ziek of gebrekkig rund of schaap aan de HERE, uw God. Hij heeft een afkeer van zo'n geschenk!
2
Als iemand in één van de dorpen of steden van uw land het verbond met God verbreekt door andere goden, de zon, de maan of de sterren te aanbidden (wat Ik streng verboden heb),
4
controleer dit dan eerst zorgvuldig; als geen twijfel bestaat over de waarheid ervan,
5
zal die man of vrouw buiten de stad worden gebracht en door steniging worden gedood.
6
Breng echter nooit iemand ter dood als er maar één getuige tegen hem is; het moeten er minstens twee of drie zijn.
7
De getuigen zullen de eerste stenen gooien, waarna alle mensen zullen meehelpen het vonnis te voltrekken. Op die manier zult u al het kwaad uit uw midden verwijderen.
8
Als u een zaak wordt voorgelegd, die te moeilijk voor u is (bijvoorbeeld als iemand schuldig is aan moord wanneer niet genoeg bewijs tegen hem bestaat of als inbreuk is gepleegd op iemands rechten) dan moet u met die zaak naar het heiligdom van de HERE, uw God, gaan,
9
naar de priesters en Levieten. De dienstdoende rechter zal over die zaak een uitspraak doen.
10
U moet handelen volgens de rechtspraak die vanuit het heiligdom wordt beoefend. Het vonnis moet nauwkeurig worden uitgevoerd.
11
En de straf die op deze wijze is bepaald, moet volledig worden uitgevoerd.
12
Als de beklaagde de beslissing van de priester of rechter, die door God in dit ambt is aangesteld, niet wil aanvaarden, krijgt hij de doodstraf. Zulke zondaars moeten uit Israël worden verbannen.
13
Als iedereen hoort wat gebeurde met de man die Gods uitspraak durfde tegen te spreken, zal men er wel voor oppassen nog eens een gerechtelijke uitspraak te betwisten.
14
Wanneer u aankomt in het land dat de HERE, uw God, u zal geven en u het hebt veroverd en u bent van mening dat u een koning zou moeten hebben, net als de volken rondom u,
15
zorg er dan voor dat u diegene tot koning uitroept, die de HERE, uw God, zal uitkiezen. Hij moet een Israëliet zijn, geen buitenlander.
16
Let erop dat hij geen omvangrijke paardenstallen bouwt noch zijn dienaren naar Egypte stuurt om daar paarden te halen, want de HERE heeft tegen u gezegd: 'Ga nooit meer terug naar Egypte.'
17
Ook mag hij niet teveel vrouwen hebben, anders zou zijn hart zich van de HERE kunnen afkeren. Hij mag ook niet buitensporig rijk zijn.
18
Als hij gekroond is en als koning op de troon zit, moet hij uit het boek dat de Levieten bewaren, een kopie maken van al deze wetten.
19
Hij moet die kopie altijd bij zich hebben en er elke dag in lezen, zijn leven lang. Dan zal hij leren de HERE, zijn God, te respecteren door al Zijn geboden te gehoorzamen en alle daarin gegeven voorschriften uit te voeren.
20
Het regelmatig lezen in Gods wetten zal ervoor zorgen dat hij zich niet boven zijn onderdanen gaat verheffen. Ook zal dat hem ervan weerhouden af te dwalen van Gods wetten, zodat hij en zijn zonen een lange en goede regeringsperiode zullen hebben."
← Chapter 16
Jump to:
Chapter 1
Chapter 2
Chapter 3
Chapter 4
Chapter 5
Chapter 6
Chapter 7
Chapter 8
Chapter 9
Chapter 10
Chapter 11
Chapter 12
Chapter 13
Chapter 14
Chapter 15
Chapter 16
Chapter 17
Chapter 18
Chapter 19
Chapter 20
Chapter 21
Chapter 22
Chapter 23
Chapter 24
Chapter 25
Chapter 26
Chapter 27
Chapter 28
Chapter 29
Chapter 30
Chapter 31
Chapter 32
Chapter 33
Chapter 34
Chapter 18 →
All chapters:
1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
11
12
13
14
15
16
17
18
19
20
21
22
23
24
25
26
27
28
29
30
31
32
33
34