bible
ra
🌐 Language
English
Español
Français
Deutsch
Português
Italiano
Nederlands
Русский
中文
日本語
한국어
العربية
Türkçe
Tiếng Việt
ไทย
Indonesia
All Languages
Home
/
Dutch
/
Dutch 2007 (HTB)
/
Deuteronomy 34
Deuteronomy 34
Dutch 2007 (HTB)
← Chapter 33
Jump to:
Chapter 1
Chapter 2
Chapter 3
Chapter 4
Chapter 5
Chapter 6
Chapter 7
Chapter 8
Chapter 9
Chapter 10
Chapter 11
Chapter 12
Chapter 13
Chapter 14
Chapter 15
Chapter 16
Chapter 17
Chapter 18
Chapter 19
Chapter 20
Chapter 21
Chapter 22
Chapter 23
Chapter 24
Chapter 25
Chapter 26
Chapter 27
Chapter 28
Chapter 29
Chapter 30
Chapter 31
Chapter 32
Chapter 33
Chapter 34
1
Toen beklom Mozes vanuit de vlakte van Moab de top van de Pisga op de berg Nebo, tegenover Jericho. De HERE toonde hem het beloofde land en hij keek uit over Gilead tot aan Dan:
2
Hij zag Naftali liggen en Efraïm, Manasse en daar verderop Juda, dat zich uitstrekt tot aan de Middellandse Zee.
3
Ook zag hij de Negeb en het dal van de Jordaan en Jericho, de stad van de palmbomen, en Zoar.
4
"Dat is het beloofde land", zei de HERE tegen Mozes. "Ik beloofde Abraham, Isaäk en Jakob dat Ik het hun nakomelingen zou geven. Nu hebt u het gezien, maar u zult het niet binnengaan."
5
Zo stierf Mozes, de dienaar van de HERE, in het land Moab, zoals de HERE had gezegd.
6
En de HERE begroef hem in een dal bij Beth-Peor in Moab, maar tot nu toe weet niemand precies waar hij ligt.
7
Mozes was 120 jaar oud toen hij stierf, maar zijn ogen waren nog goed en hij was nog net zo sterk als een jonge man.
8
Het volk Israël rouwde dertig dagen om hem op de vlakte van Moab.
9
Jozua, de zoon van Nun, was vervuld met de Geest van de wijsheid, want Mozes had hem de handen opgelegd. Daarom gehoorzaamden de Israëlieten hem en leefden volgens de geboden die de HERE Mozes had gegeven.
10
Er is daarna in Israël nooit meer een profeet zoals Mozes geweest, want de HERE sprak met hem van aangezicht tot aangezicht.
11
Hij deed op bevel van de HERE verbazingwekkende wonderen; grote en angstaanjagende wonderen voor Farao en zijn hele hofhouding in Egypte en voor het hele volk Israël in de woestijn.
← Chapter 33
Jump to:
Chapter 1
Chapter 2
Chapter 3
Chapter 4
Chapter 5
Chapter 6
Chapter 7
Chapter 8
Chapter 9
Chapter 10
Chapter 11
Chapter 12
Chapter 13
Chapter 14
Chapter 15
Chapter 16
Chapter 17
Chapter 18
Chapter 19
Chapter 20
Chapter 21
Chapter 22
Chapter 23
Chapter 24
Chapter 25
Chapter 26
Chapter 27
Chapter 28
Chapter 29
Chapter 30
Chapter 31
Chapter 32
Chapter 33
Chapter 34
All chapters:
1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
11
12
13
14
15
16
17
18
19
20
21
22
23
24
25
26
27
28
29
30
31
32
33
34