bible
ra
🌐 Language
English
Español
Français
Deutsch
Português
Italiano
Nederlands
Русский
中文
日本語
한국어
العربية
Türkçe
Tiếng Việt
ไทย
Indonesia
All Languages
Home
/
Dutch
/
Dutch 2007 (HTB)
/
Proverbs 2
Proverbs 2
Dutch 2007 (HTB)
← Chapter 1
Jump to:
Chapter 1
Chapter 2
Chapter 3
Chapter 4
Chapter 5
Chapter 6
Chapter 7
Chapter 8
Chapter 9
Chapter 10
Chapter 11
Chapter 12
Chapter 13
Chapter 14
Chapter 15
Chapter 16
Chapter 17
Chapter 18
Chapter 19
Chapter 20
Chapter 21
Chapter 22
Chapter 23
Chapter 24
Chapter 25
Chapter 26
Chapter 27
Chapter 28
Chapter 29
Chapter 30
Chapter 31
Chapter 3 →
1
Mijn zoon, luister naar wat ik zeg en schat mijn aanwijzingen op hun waarde.
2
Dan krijg je een oor voor de echte wijsheid en zal je verstand worden gescherpt.
3
Als je inzicht tracht te krijgen en er wijsheid in je woorden doorklinkt;
4
als je dat beschouwt als een zeer groot goed en moeite doet om het te verkrijgen,
5
zul je merken wat eerbiedig ontzag voor de HERE betekent. Dan zul je God werkelijk leren kennen.
6
Want de HERE is de bron van alle wijsheid. Uit alles wat Hij zegt, spreekt wijsheid en verstand.
7
Hij geeft oprechte mensen houvast en is een beschermer van hen die zuiver leven.
8
Die mensen blijven op de goede weg; de weg die Hij voor hen effent.
9
Zo leer je begrijpen wat recht en gerechtigheid is, wat gerechtigheid is en welke levensweg als de goede geldt.
10
Wanneer je je die wijsheid eigen hebt gemaakt en de vruchten plukt van nieuw vergaarde kennis,
11
dan denk je na vccr je iets zegt en die bedachtzaamheid zal je beschermen.
12
Beschermen tegen de man die slechte dingen zegt.
13
Beschermen tegen hen, die niet in oprechtheid geloven.
14
Beschermen ook tegen de boosdoeners, die lachen om allerlei wandaden;
15
die de goede weg verlieten en kozen voor hun eigen kronkelpad.
16
Beschermen ook tegen de vrouw die niet de jouwe is, maar met gevlei probeert jou in te palmen.
17
Die vrouw die haar eigen man verlaat en daardoor zowel haar man als God ontrouw is.
18
Want wat zij doet, leidt naar de dood.
19
Wie met haar naar bed gaat, komt niet meer terug en zal de weg naar het leven niet vinden.
20
Blijf dus de goede weg bewandelen en volg het voorbeeld dat oprechte mensen je geven.
21
Want de aarde is voor hen die zuiver leven en God zal de oprechten nooit verlaten.
22
Maar hun, die zonder God door het leven gaan en zich niet aan Hem of aan hun naaste storen, staat uitroeiing te wachten. Zij worden vernietigd.
← Chapter 1
Jump to:
Chapter 1
Chapter 2
Chapter 3
Chapter 4
Chapter 5
Chapter 6
Chapter 7
Chapter 8
Chapter 9
Chapter 10
Chapter 11
Chapter 12
Chapter 13
Chapter 14
Chapter 15
Chapter 16
Chapter 17
Chapter 18
Chapter 19
Chapter 20
Chapter 21
Chapter 22
Chapter 23
Chapter 24
Chapter 25
Chapter 26
Chapter 27
Chapter 28
Chapter 29
Chapter 30
Chapter 31
Chapter 3 →
All chapters:
1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
11
12
13
14
15
16
17
18
19
20
21
22
23
24
25
26
27
28
29
30
31