bible
ra
🌐 Language
English
Español
Français
Deutsch
Português
Italiano
Nederlands
Русский
中文
日本語
한국어
العربية
Türkçe
Tiếng Việt
ไทย
Indonesia
All Languages
Home
/
Dutch
/
Dutch 2023 (Venster Bijbel)
/
2 Chronicles 16
2 Chronicles 16
Dutch 2023 (Venster Bijbel)
← Chapter 15
Jump to:
Chapter 1
Chapter 2
Chapter 3
Chapter 4
Chapter 5
Chapter 6
Chapter 7
Chapter 8
Chapter 9
Chapter 10
Chapter 11
Chapter 12
Chapter 13
Chapter 14
Chapter 15
Chapter 16
Chapter 17
Chapter 18
Chapter 19
Chapter 20
Chapter 21
Chapter 22
Chapter 23
Chapter 24
Chapter 25
Chapter 26
Chapter 27
Chapter 28
Chapter 29
Chapter 30
Chapter 31
Chapter 32
Chapter 33
Chapter 34
Chapter 35
Chapter 36
Chapter 17 →
1
In het 36ste regeringsjaar van Asa trok koning Baësa van Israël ten strijde tegen Juda en versterkte hij Rama, om alle verkeer van en naar koning Asa van Juda te verhinderen.
2
Daarop haalde Asa het zilver en goud uit de schatkamers van het huis van de Heer*** en uit het koninklijk paleis en liet het naar koning Benhadad van Aram brengen, die in Damaskus woonde, met de boodschap:
3
"Er bestaat een verbond tussen u en mij, gesloten door uw vader en mijn vader. Bij deze zend ik u zilver en goud. Verbreek toch uw verbond met koning Baësa van Israël, zodat hij van mij wegtrekt."
4
Benhadad gaf gehoor aan het verzoek van koning Asa en liet zijn legeraanvoerders optrekken naar de steden van Israël. Ze veroverden Ijon, Dan, Abel-Bet-Maächa en al de voorraadsteden in Naftali.
5
Zodra Baësa dat hoorde, zag hij ervan af Rama verder te versterken en staakte het werk.
6
Vervolgens liet koning Asa heel Juda oproepen en liet hen de stenen en het hout ophalen waarmee Baësa Rama had versterkt. Daarmee versterkte hij Geba en Mizpa.
7
In diezelfde tijd kwam de ziener Hanani naar koning Asa van Juda en zei tegen hem: "Omdat u gesteund hebt op de koning van Aram, en niet hebt vertrouwd op uw Heer*** God, is het leger van de koning van Aram aan u ontkomen.
8
Hadden de Kushieten en Libiërs niet een enorm leger met grote aantallen strijdwagens en ruiters? Maar omdat u op de Heer*** vertrouwde, gaf Hij hen in uw macht.
9
Want de ogen van de Heer*** gaan de hele aarde over, om de mensen die Hem met hart en ziel zijn toegewijd krachtig bij te staan. Maar nu hebt u een grote dwaasheid begaan. Voortaan zullen er oorlogen tegen u gevoerd worden."
10
Asa werd kwaad op de ziener en liet hem in de gevangenis zetten, uit woede over zijn woorden. Ook onderdrukte Asa in die tijd mensen van het volk.
11
Het overige van de regering van Asa, vanaf het begin van zijn regering tot aan het eind daarvan, staat opgetekend in de kronieken van de koningen van Juda en Israël.
12
In het 39ste jaar van zijn regering werd Asa ziek aan zijn voeten. En hoewel hij zwaar ziek werd, zocht hij geen hulp bij de Heer*** voor zijn ziekte, maar bij artsen.
13
Zo ging Asa bij zijn voorouders te ruste in het 41ste jaar van zijn regering
14
en hij werd bijgezet in het graf dat hij voor zich in de Davidsstad had laten uithouwen. Ze legden hem neer op een bed dat men had gevuld met een mengsel van specerijen en kruiden, vakkundig bereid door de zalfmakers, en er werd voor hem een zeer groot gedenkvuur ontstoken.
← Chapter 15
Jump to:
Chapter 1
Chapter 2
Chapter 3
Chapter 4
Chapter 5
Chapter 6
Chapter 7
Chapter 8
Chapter 9
Chapter 10
Chapter 11
Chapter 12
Chapter 13
Chapter 14
Chapter 15
Chapter 16
Chapter 17
Chapter 18
Chapter 19
Chapter 20
Chapter 21
Chapter 22
Chapter 23
Chapter 24
Chapter 25
Chapter 26
Chapter 27
Chapter 28
Chapter 29
Chapter 30
Chapter 31
Chapter 32
Chapter 33
Chapter 34
Chapter 35
Chapter 36
Chapter 17 →
All chapters:
1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
11
12
13
14
15
16
17
18
19
20
21
22
23
24
25
26
27
28
29
30
31
32
33
34
35
36