bible
ra
🌐 Language
English
Español
Français
Deutsch
Português
Italiano
Nederlands
Русский
中文
日本語
한국어
العربية
Türkçe
Tiếng Việt
ไทย
Indonesia
All Languages
Home
/
Dutch
/
Dutch 2023 (Venster Bijbel)
/
Job 18
Job 18
Dutch 2023 (Venster Bijbel)
← Chapter 17
Jump to:
Chapter 1
Chapter 2
Chapter 3
Chapter 4
Chapter 5
Chapter 6
Chapter 7
Chapter 8
Chapter 9
Chapter 10
Chapter 11
Chapter 12
Chapter 13
Chapter 14
Chapter 15
Chapter 16
Chapter 17
Chapter 18
Chapter 19
Chapter 20
Chapter 21
Chapter 22
Chapter 23
Chapter 24
Chapter 25
Chapter 26
Chapter 27
Chapter 28
Chapter 29
Chapter 30
Chapter 31
Chapter 32
Chapter 33
Chapter 34
Chapter 35
Chapter 36
Chapter 37
Chapter 38
Chapter 39
Chapter 40
Chapter 41
Chapter 42
Chapter 19 →
1
Toen zei Bildad uit Suach:
2
Wanneer komt er een eind aan je woordenstroom? Denk eerst eens na, daarna kunnen we praten.
3
Waarom worden we behandeld als dom vee en zijn we vreselijk dom in jouw ogen?
4
Je wordt verscheurd door je eigen woede. Moet voor jou de wereld verlaten worden? Moeten voor jou rotsen worden verplaatst?
5
Ja, het licht van de goddeloze zal worden gedoofd, de vlam van zijn vuur zal niet langer licht geven.
6
In zijn woning zal het donker worden, het licht om hem heen zal worden gedoofd.
7
Zijn vaste tred zal onzeker worden, zijn eigen plannen brengen hem te val:
8
zijn eigen voeten leiden hem het vangnet in, ze raken verstrikt in de mazen.
9
Een val sluit zich rond zijn hiel en de strik houdt hem vast.
10
Een touw ligt voor hem in de aarde verborgen, valstrikken liggen klaar op zijn pad.
11
Aan alle kanten loeren verschrikkingen op hem, ze jagen zijn voeten voort.
12
Zijn krachten verzwakken door de honger, de ellende wijkt niet van zijn zijde.
13
De eerstgeborene van de dood vreet zijn huid weg, vreet aan zijn armen en benen.
14
Hij wordt weggerukt uit zijn veilige woning en voorgeleid aan de koning der verschrikkingen.
15
Verwoesting zal wonen in zijn huis dat niet meer van hem is, zijn woning zal met zwavel worden bestrooid.
16
Van onderen zullen zijn wortels verdorren, van boven worden zijn takken afgekapt.
17
De herinnering aan hem zal van de aarde verdwijnen, niemand op straat kent nog zijn naam.
18
Hij wordt van het licht de duisternis in gedreven, uit deze wereld weggevaagd.
19
Geen zoon of neef zal hij nog hebben, van zijn familie blijft niemand over.
20
Wie na hem komen, zullen geschokt zijn, wie hem overleven, zullen huiveren van ontzetting:
21
zo gaat het met de woning van een mens die slecht is, met de plaats van iemand die God niet kent.
← Chapter 17
Jump to:
Chapter 1
Chapter 2
Chapter 3
Chapter 4
Chapter 5
Chapter 6
Chapter 7
Chapter 8
Chapter 9
Chapter 10
Chapter 11
Chapter 12
Chapter 13
Chapter 14
Chapter 15
Chapter 16
Chapter 17
Chapter 18
Chapter 19
Chapter 20
Chapter 21
Chapter 22
Chapter 23
Chapter 24
Chapter 25
Chapter 26
Chapter 27
Chapter 28
Chapter 29
Chapter 30
Chapter 31
Chapter 32
Chapter 33
Chapter 34
Chapter 35
Chapter 36
Chapter 37
Chapter 38
Chapter 39
Chapter 40
Chapter 41
Chapter 42
Chapter 19 →
All chapters:
1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
11
12
13
14
15
16
17
18
19
20
21
22
23
24
25
26
27
28
29
30
31
32
33
34
35
36
37
38
39
40
41
42