bible
ra
🌐 Language
English
Español
Français
Deutsch
Português
Italiano
Nederlands
Русский
中文
日本語
한국어
العربية
Türkçe
Tiếng Việt
ไทย
Indonesia
All Languages
Home
/
Dutch
/
Dutch 2007 (HTB)
/
Isaiah 26
Isaiah 26
Dutch 2007 (HTB)
← Chapter 25
Jump to:
Chapter 1
Chapter 2
Chapter 3
Chapter 4
Chapter 5
Chapter 6
Chapter 7
Chapter 8
Chapter 9
Chapter 10
Chapter 11
Chapter 12
Chapter 13
Chapter 14
Chapter 15
Chapter 16
Chapter 17
Chapter 18
Chapter 19
Chapter 20
Chapter 21
Chapter 22
Chapter 23
Chapter 24
Chapter 25
Chapter 26
Chapter 27
Chapter 28
Chapter 29
Chapter 30
Chapter 31
Chapter 32
Chapter 33
Chapter 34
Chapter 35
Chapter 36
Chapter 37
Chapter 38
Chapter 39
Chapter 40
Chapter 41
Chapter 42
Chapter 43
Chapter 44
Chapter 45
Chapter 46
Chapter 47
Chapter 48
Chapter 49
Chapter 50
Chapter 51
Chapter 52
Chapter 53
Chapter 54
Chapter 55
Chapter 56
Chapter 57
Chapter 58
Chapter 59
Chapter 60
Chapter 61
Chapter 62
Chapter 63
Chapter 64
Chapter 65
Chapter 66
Chapter 27 →
1
In die tijd zal het hele land Juda dit lied zingen: Onze stad is sterk! Wij worden omringd door de muren van Zijn redding!
2
Open de poorten voor iedereen, want allen die de HERE trouw zijn, mogen binnenkomen.
3
Degenen die op Hem vertrouwen, die vaak hun gedachten aan de HERE wijden, zal Hij in volkomen vrede laten leven!
4
Vertrouw altijd op de HERE God, want de Oppermachtige HERE is uw eeuwige toevlucht.
5
Hij vernedert de trotsen en gooit de hoogmoedige stad in het stof; haar muren komen met een donderend lawaai naar beneden,
6
Hij geeft het de armen en behoeftigen om te gebruiken.
7
Maar voor de goede mensen is het pad niet steil en ruw! God geeft hun geen ruw en verraderlijk pad, maar effent de weg voor hen.
8
O HERE, wij vinden het heerlijk om Uw wil te doen! Ons hart verlangt ernaar Uw naam te prijzen.
9
De hele nacht zoek ik naar U, vastbesloten zoek ik naar God; want alleen als U als rechter naar de aarde komt om haar te straffen, zullen de mensen zich van hun verdorvenheid afkeren en doen wat goed is.
10
Uw vriendelijkheid tegenover de verdorvenen maakt hen niet goed; zij blijven zondigen en nemen geen notitie van Uw majesteit.
11
Zij luisteren niet naar Uw dreigementen en zullen niet naar Uw opgeheven vuist kijken. Laat hun zien hoe na Uw volk U aan het hart ligt. Misschien zullen zij zich dan schamen! Ja, laat hen verbranden door het vuur dat U had bestemd voor Uw vijanden.
12
HERE, geef ons Uw vrede; want alles wat wij bezitten en zijn, is van U afkomstig.
13
O HERE, onze God, andere heren heersten over ons; maar nu aanbidden wij U alleen.
14
Zij, die wij vroeger dienden, zijn dood en vergeten; zij zullen nooit meer terugkeren. U keerde Zich tegen hen en vernietigde hen en zij zijn al lange tijd vergeten.
15
Prijs de HERE! Hij heeft ons tot een machtig volk gemaakt. Hij heeft de grenzen van ons land uitgebreid!
16
HERE, in onze wanhoop zochten wij U. Wanneer Uw straf ons trof, riepen wij U aan.
17
Wat misten wij Uw aanwezigheid, HERE! Wij leden als een vrouw, die een kind ter wereld brengt en daarbij schreeuwt en kronkelt van de pijn.
18
Ook wij hebben gekronkeld van vreselijke angst, maar het baatte niet. Al onze pogingen konden ons niet verlossen.
19
Desondanks weten wij één ding zeker; zij die het eigendom van God zijn, zullen opnieuw leven. Hun lichamen zullen weer opstaan en zingen van blijdschap! Want Gods levenslicht zal als dauw op hen vallen!
20
Ga naar huis, mijn volk, en doe uw deuren op slot! Verberg u een korte tijd, totdat de toorn van de HERE tegen uw vijanden voorbij is.
21
Kijk! De HERE komt uit de hemelen om de mensen van de aarde te straffen voor hun zonden. De aarde zal de moordenaars niet langer verbergen. De schuldigen zullen worden gevonden.
← Chapter 25
Jump to:
Chapter 1
Chapter 2
Chapter 3
Chapter 4
Chapter 5
Chapter 6
Chapter 7
Chapter 8
Chapter 9
Chapter 10
Chapter 11
Chapter 12
Chapter 13
Chapter 14
Chapter 15
Chapter 16
Chapter 17
Chapter 18
Chapter 19
Chapter 20
Chapter 21
Chapter 22
Chapter 23
Chapter 24
Chapter 25
Chapter 26
Chapter 27
Chapter 28
Chapter 29
Chapter 30
Chapter 31
Chapter 32
Chapter 33
Chapter 34
Chapter 35
Chapter 36
Chapter 37
Chapter 38
Chapter 39
Chapter 40
Chapter 41
Chapter 42
Chapter 43
Chapter 44
Chapter 45
Chapter 46
Chapter 47
Chapter 48
Chapter 49
Chapter 50
Chapter 51
Chapter 52
Chapter 53
Chapter 54
Chapter 55
Chapter 56
Chapter 57
Chapter 58
Chapter 59
Chapter 60
Chapter 61
Chapter 62
Chapter 63
Chapter 64
Chapter 65
Chapter 66
Chapter 27 →
All chapters:
1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
11
12
13
14
15
16
17
18
19
20
21
22
23
24
25
26
27
28
29
30
31
32
33
34
35
36
37
38
39
40
41
42
43
44
45
46
47
48
49
50
51
52
53
54
55
56
57
58
59
60
61
62
63
64
65
66
Aanbevolen literatuur
Commentaar
Commentaren op Isaiah
→
Dagboek
Dagboek Isaiah
→
Deze Bijbel
Studiebijbel HTB
→