bible
ra
🌐 Language
English
Español
Français
Deutsch
Português
Italiano
Nederlands
Русский
中文
日本語
한국어
العربية
Türkçe
Tiếng Việt
ไทย
Indonesia
All Languages
Home
/
Dutch
/
Dutch 2007 (HTB)
/
Isaiah 56
Isaiah 56
Dutch 2007 (HTB)
← Chapter 55
Jump to:
Chapter 1
Chapter 2
Chapter 3
Chapter 4
Chapter 5
Chapter 6
Chapter 7
Chapter 8
Chapter 9
Chapter 10
Chapter 11
Chapter 12
Chapter 13
Chapter 14
Chapter 15
Chapter 16
Chapter 17
Chapter 18
Chapter 19
Chapter 20
Chapter 21
Chapter 22
Chapter 23
Chapter 24
Chapter 25
Chapter 26
Chapter 27
Chapter 28
Chapter 29
Chapter 30
Chapter 31
Chapter 32
Chapter 33
Chapter 34
Chapter 35
Chapter 36
Chapter 37
Chapter 38
Chapter 39
Chapter 40
Chapter 41
Chapter 42
Chapter 43
Chapter 44
Chapter 45
Chapter 46
Chapter 47
Chapter 48
Chapter 49
Chapter 50
Chapter 51
Chapter 52
Chapter 53
Chapter 54
Chapter 55
Chapter 56
Chapter 57
Chapter 58
Chapter 59
Chapter 60
Chapter 61
Chapter 62
Chapter 63
Chapter 64
Chapter 65
Chapter 66
Chapter 57 →
1
Wees rechtvaardig en eerlijk tegen iedereen, zegt de HERE God. Doe wat rechtvaardig en goed is, want Ik kom binnenkort om u te redden en mijn rechtvaardigheid te tonen.
2
Gezegend is de man die de sabbat in ere houdt; gezegend is de man die zichzelf weerhoudt van slechte daden.
3
Als iemand van een ander volk zich bij de HERE aansluit, laat hij dan niet zeggen: "De HERE zal mij achterstellen bij Zijn eigen volk." Zelfs als hij een eunuch is, moet hij niet denken minderwaardig te zijn.
4
Want dit zeg Ik over de eunuchs die de sabbat in ere houden, zich gedragen zoals Ik dat wens en weten dat zij deel uitmaken van mijn verbond:
5
Ik zal hun in mijn huis, binnen mijn muren een naam geven, die uitgaat boven de eer die zij zouden ontvangen als zij zonen en dochters hadden. Want de naam die Ik hun zal geven, is een eeuwige; hij zal nooit verdwijnen.
6
Ja, allen die zich bij het volk van God voegen hoewel zij behoren tot een ander volk, Hem dienen en Zijn naam liefhebben, Zijn dienaars zijn en de sabbat niet ontheiligen en die Zijn verbond en beloften hebben aanvaard,
7
zal Ik ook naar mijn heilige berg van Jeruzalem brengen. Ik zal hen vol vreugde maken in mijn huis van gebed. Ik zal hun offers en geschenken aannemen, want mijn tempel zal 'Huis van gebed voor iedereen' worden genoemd!
8
Want de HERE God, Die de uitgestotenen van Israël terugbrengt, zegt: Naast mijn volk Israël zal Ik daar ook anderen brengen.
9
Kom, wilde dieren van het land, scheur de schapen uit elkaar; kom, wilde dieren van de bossen, verscheur mijn volk.
10
Want de wachters van mijn volk zijn allemaal blind voor het gevaar. Het zijn leeghoofden, die geen alarm slaan als het gevaar komt. Zij houden van zomaar wat liggen, van slapen en mooie dromen.
11
Zij zijn net zo gulzig als honden, nooit hebben zij genoeg; het zijn domme herders, die alleen op hun eigen welzijn letten en elke kans benutten om er zelf beter van te worden.
12
"Vooruit", zeggen zij, "laten wij wat wijn halen en een feest houden; laten we ons eens lekker bedrinken. Dit is pas leven; zo mag het wel altijd blijven. En morgen wordt het nog mooier!"
← Chapter 55
Jump to:
Chapter 1
Chapter 2
Chapter 3
Chapter 4
Chapter 5
Chapter 6
Chapter 7
Chapter 8
Chapter 9
Chapter 10
Chapter 11
Chapter 12
Chapter 13
Chapter 14
Chapter 15
Chapter 16
Chapter 17
Chapter 18
Chapter 19
Chapter 20
Chapter 21
Chapter 22
Chapter 23
Chapter 24
Chapter 25
Chapter 26
Chapter 27
Chapter 28
Chapter 29
Chapter 30
Chapter 31
Chapter 32
Chapter 33
Chapter 34
Chapter 35
Chapter 36
Chapter 37
Chapter 38
Chapter 39
Chapter 40
Chapter 41
Chapter 42
Chapter 43
Chapter 44
Chapter 45
Chapter 46
Chapter 47
Chapter 48
Chapter 49
Chapter 50
Chapter 51
Chapter 52
Chapter 53
Chapter 54
Chapter 55
Chapter 56
Chapter 57
Chapter 58
Chapter 59
Chapter 60
Chapter 61
Chapter 62
Chapter 63
Chapter 64
Chapter 65
Chapter 66
Chapter 57 →
All chapters:
1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
11
12
13
14
15
16
17
18
19
20
21
22
23
24
25
26
27
28
29
30
31
32
33
34
35
36
37
38
39
40
41
42
43
44
45
46
47
48
49
50
51
52
53
54
55
56
57
58
59
60
61
62
63
64
65
66