bible
ra
🌐 Language
English
Español
Français
Deutsch
Português
Italiano
Nederlands
Русский
中文
日本語
한국어
العربية
Türkçe
Tiếng Việt
ไทย
Indonesia
All Languages
Home
/
Dutch
/
Dutch 2024 (EBV24 een Eigentijdse Bijbelvertaling)
/
Ezekiel 19
Ezekiel 19
Dutch 2024 (EBV24 een Eigentijdse Bijbelvertaling)
← Chapter 18
Jump to:
Chapter 1
Chapter 2
Chapter 3
Chapter 4
Chapter 5
Chapter 6
Chapter 7
Chapter 8
Chapter 9
Chapter 10
Chapter 11
Chapter 12
Chapter 13
Chapter 14
Chapter 15
Chapter 16
Chapter 17
Chapter 18
Chapter 19
Chapter 20
Chapter 21
Chapter 22
Chapter 23
Chapter 24
Chapter 25
Chapter 26
Chapter 27
Chapter 28
Chapter 29
Chapter 30
Chapter 31
Chapter 32
Chapter 33
Chapter 34
Chapter 35
Chapter 36
Chapter 37
Chapter 38
Chapter 39
Chapter 40
Chapter 41
Chapter 42
Chapter 43
Chapter 44
Chapter 45
Chapter 46
Chapter 47
Chapter 48
Chapter 20 →
1
“Jij, hef een klaaglied aan over de vorsten van Israël
2
en zeg: ‘Hoe lag je moeder als een leeuwin tussen de leeuwinnen. te midden van de jonge leeuwen bracht zij haar welpen groot!
3
Zij voedde één van haar welpen op. Hij werd een jonge leeuw, die leerde om zijn prooi te verscheuren, zelfs mens at hij op.
4
Toen de volken dit hoorden, werd hij gevangen in hun val kuil en zij leidden hem met haken in zijn neus naar het land Egypte.
5
Toen zij zag dat haar hoop vervlogen en verloren was gegaan, nam zij één van haar welpen en maakte er een jonge leeuw van.
6
Deze liep rond onder de leeuwen, hij werd een jonge leeuw, die leerde om zijn prooi te verscheuren, zelfs mens at hij op.
7
Hij schond hun weduwen, hij verwoestte hun steden, zodat het land en alles wat erin was verstomde door het geluid van zijn gebrul.
8
De volken uit de omliggende landen stelden zich tegen hem op en spreidden hun net over hem uit, in hun val kuil werd hij gevangen.
9
Zij sloten hem op in een kooi met haken in zijn neus om hem naar de koning van Babel te brengen. Zij brachten hem binnen de vestingen, zodat zijn stem niet meer gehoord werd op de bergen van Israël.’ ”
10
“Tijdens je rust was je moeder als een wijnstok, geplant aan waterstromen. Vruchtbaar en rijk vertakt was zij door de vele wateren.
11
Zij kreeg sterke takken, die uitgroeiden tot scepters van heersers. De stam van één ervan schoot omhoog tussen de wolken en door zijn hoogte was hij goed te zien met zijn vele takken.
12
Maar door een vlaag van woede werd hij uitgerukt en ter aarde geworpen. De oostenwind verdroogde zijn vrucht, zijn sterke takken braken af en verdroogden, het vuur verteerde ze.
13
Nu is hij geplant in een woestijn, in een dor en dorstig land.
14
Van een sterke tak tussen zijn ranken ging er vuur uit, dat zijn vrucht verteerde, zodat er geen sterke tak meer aan hem zit, scepter om te heersen.” Dit is een klaaglied en het zal werkelijk een klaaglied worden.
← Chapter 18
Jump to:
Chapter 1
Chapter 2
Chapter 3
Chapter 4
Chapter 5
Chapter 6
Chapter 7
Chapter 8
Chapter 9
Chapter 10
Chapter 11
Chapter 12
Chapter 13
Chapter 14
Chapter 15
Chapter 16
Chapter 17
Chapter 18
Chapter 19
Chapter 20
Chapter 21
Chapter 22
Chapter 23
Chapter 24
Chapter 25
Chapter 26
Chapter 27
Chapter 28
Chapter 29
Chapter 30
Chapter 31
Chapter 32
Chapter 33
Chapter 34
Chapter 35
Chapter 36
Chapter 37
Chapter 38
Chapter 39
Chapter 40
Chapter 41
Chapter 42
Chapter 43
Chapter 44
Chapter 45
Chapter 46
Chapter 47
Chapter 48
Chapter 20 →
All chapters:
1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
11
12
13
14
15
16
17
18
19
20
21
22
23
24
25
26
27
28
29
30
31
32
33
34
35
36
37
38
39
40
41
42
43
44
45
46
47
48