bible
ra
🌐 Language
English
Español
Français
Deutsch
Português
Italiano
Nederlands
Русский
中文
日本語
한국어
العربية
Türkçe
Tiếng Việt
ไทย
Indonesia
All Languages
Home
/
Dutch
/
Dutch 2023 (Venster Bijbel)
/
Isaiah 60
Isaiah 60
Dutch 2023 (Venster Bijbel)
← Chapter 59
Jump to:
Chapter 1
Chapter 2
Chapter 3
Chapter 4
Chapter 5
Chapter 6
Chapter 7
Chapter 8
Chapter 9
Chapter 10
Chapter 11
Chapter 12
Chapter 13
Chapter 14
Chapter 15
Chapter 16
Chapter 17
Chapter 18
Chapter 19
Chapter 20
Chapter 21
Chapter 22
Chapter 23
Chapter 24
Chapter 25
Chapter 26
Chapter 27
Chapter 28
Chapter 29
Chapter 30
Chapter 31
Chapter 32
Chapter 33
Chapter 34
Chapter 35
Chapter 36
Chapter 37
Chapter 38
Chapter 39
Chapter 40
Chapter 41
Chapter 42
Chapter 43
Chapter 44
Chapter 45
Chapter 46
Chapter 47
Chapter 48
Chapter 49
Chapter 50
Chapter 51
Chapter 52
Chapter 53
Chapter 54
Chapter 55
Chapter 56
Chapter 57
Chapter 58
Chapter 59
Chapter 60
Chapter 61
Chapter 62
Chapter 63
Chapter 64
Chapter 65
Chapter 66
Chapter 61 →
1
"Sta op en schitter, want je licht is gekomen en de heerlijkheid van de Heer*** komt over je op.
2
Zie, duisternis zal de aarde bedekken en donkerheid de volken, maar over jou zal de Heer*** opgaan, zijn heerlijkheid zal op jou worden gezien
3
en de volken zullen naar je licht toe komen en de koningen naar de glans van je dageraad.
4
Kijk om je heen en zie allen die zich hebben verzameld, ze komen naar je toe: je zonen komen van ver, je dochters zullen je op de arm gebracht worden.
5
Wanneer je dat ziet, zullen de tranen over je wangen stromen van blijdschap, je hart zal bonzen van vreugde. De schatten van de zee zullen naar jou gebracht worden, de rijkdommen van de volken zullen naar je toe komen.
6
Een menigte kamelen zal je bedekken, jonge kamelen uit Midian en Hefa. Allen uit Scheba zullen goud en wierook komen brengen en verkondigen de lof van de Heer***.
7
De schapen van Kedar worden bij jou bijeengedreven, de rammen van Nebajot zullen je ter beschikking staan, ze zullen op mijn altaar aanvaard worden als offer. En Ik zal het huis van mijn heerlijkheid grote luister geven.
8
Wie zijn dat die daar komen aangevlogen als een wolk, als duiven naar hun til?
9
De kustlanden vestigen op Mij hun hoop. De schepen van Tarsis varen voorop om je kinderen van verre te komen brengen, evenals hun zilver en hun goud, tot eer van de naam van je Heer*** God, de Heilige van Israël, omdat Hij je zo veel aanzien gegeven heeft.
10
Vreemdelingen zullen je muren herbouwen, hun koningen zullen zich aan je onderwerpen. In mijn woede heb Ik je geslagen, maar uit genade heb Ik Mij over je ontfermd.
11
Je poorten zullen nooit gesloten worden, maar dag en nacht zullen zij openstaan, opdat de rijkdommen van de volken binnengebracht kunnen worden en hun koningen kunnen worden binnengeleid.
12
Elk volk of koninkrijk dat zich niet aan jou wil onderwerpen, zal ten onder gaan. Die volken zullen weggevaagd worden.
13
De schatten van de Libanon zullen naar je toe gebracht worden: hout van cipressen, platanen en dennen, voor de verfraaiing van mijn heiligdom. De plaats waar mijn voeten rusten zal Ik prachtig maken.
14
De zonen van wie jou hebben onderdrukt, zullen buigend naar je toe komen, allen die jou hebben bespot, zullen zich neerbuigen aan je voeten. Ze zullen je noemen: 'Stad van de Heer***, het Sion van de Heilige van Israël.'
15
Eens was je verlaten en gehaat, je werd door niemand bezocht. Maar dan zal Ik je maken tot een eeuwig sieraad, een vreugde van generatie op generatie.
16
Je zult de melk van andere volken drinken, door koninklijke borsten zul je worden gevoed. Dan zul je weten dat Ik de Heer*** ben, je Redder, je Bevrijder, de Machtige van Jakob.
17
In plaats van koper breng Ik je goud, in plaats van ijzer, zilver. In plaats van hout breng Ik je koper, in plaats van stenen, ijzer. Vrede zal Ik aanstellen als je bestuurders, rechtvaardigheid als je leiders.
18
Er zal geen geweld meer zijn in je land, geen onrust of verwoesting binnen je grenzen. Je zult je muren 'Redding' noemen en je poorten 'Loflied'.
19
Overdag zal de zon je licht niet meer zijn, en 's nachts zal de glans van de maan je niet meer verlichten, want de Heer*** zal je eeuwige licht zijn, je God zal je sieraad zijn.
20
Je zon zal nooit meer ondergaan, je maan zal nooit meer afnemen, want de Heer*** zal je eeuwige licht zijn. Je tijd van rouw zal voorbij zijn.
21
Je hele volk zal alleen uit rechtvaardigen bestaan, zij zullen voor eeuwig het land bezitten. Ze zullen een stek zijn die Ik heb geplant, het werk van mijn handen, opdat Ik grootgemaakt zal worden.
22
De kleinste zal tot duizenden worden, de minste tot een machtig volk. Wanneer de tijd daarvoor gekomen is, zal Ik, de Heer***, dit snel ten uitvoer brengen."
← Chapter 59
Jump to:
Chapter 1
Chapter 2
Chapter 3
Chapter 4
Chapter 5
Chapter 6
Chapter 7
Chapter 8
Chapter 9
Chapter 10
Chapter 11
Chapter 12
Chapter 13
Chapter 14
Chapter 15
Chapter 16
Chapter 17
Chapter 18
Chapter 19
Chapter 20
Chapter 21
Chapter 22
Chapter 23
Chapter 24
Chapter 25
Chapter 26
Chapter 27
Chapter 28
Chapter 29
Chapter 30
Chapter 31
Chapter 32
Chapter 33
Chapter 34
Chapter 35
Chapter 36
Chapter 37
Chapter 38
Chapter 39
Chapter 40
Chapter 41
Chapter 42
Chapter 43
Chapter 44
Chapter 45
Chapter 46
Chapter 47
Chapter 48
Chapter 49
Chapter 50
Chapter 51
Chapter 52
Chapter 53
Chapter 54
Chapter 55
Chapter 56
Chapter 57
Chapter 58
Chapter 59
Chapter 60
Chapter 61
Chapter 62
Chapter 63
Chapter 64
Chapter 65
Chapter 66
Chapter 61 →
All chapters:
1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
11
12
13
14
15
16
17
18
19
20
21
22
23
24
25
26
27
28
29
30
31
32
33
34
35
36
37
38
39
40
41
42
43
44
45
46
47
48
49
50
51
52
53
54
55
56
57
58
59
60
61
62
63
64
65
66