bible
ra
🌐 Language
English
Español
Français
Deutsch
Português
Italiano
Nederlands
Русский
中文
日本語
한국어
العربية
Türkçe
Tiếng Việt
ไทย
Indonesia
All Languages
Home
/
Dutch
/
Dutch 2024 (EBV24 een Eigentijdse Bijbelvertaling)
/
Job 35
Job 35
Dutch 2024 (EBV24 een Eigentijdse Bijbelvertaling)
← Chapter 34
Jump to:
Chapter 1
Chapter 2
Chapter 3
Chapter 4
Chapter 5
Chapter 6
Chapter 7
Chapter 8
Chapter 9
Chapter 10
Chapter 11
Chapter 12
Chapter 13
Chapter 14
Chapter 15
Chapter 16
Chapter 17
Chapter 18
Chapter 19
Chapter 20
Chapter 21
Chapter 22
Chapter 23
Chapter 24
Chapter 25
Chapter 26
Chapter 27
Chapter 28
Chapter 29
Chapter 30
Chapter 31
Chapter 32
Chapter 33
Chapter 34
Chapter 35
Chapter 36
Chapter 37
Chapter 38
Chapter 39
Chapter 40
Chapter 41
Chapter 42
Chapter 36 →
1
Elihu nam opnieuw het woord en zei:
2
Vind jij dat dan juist, dat jij gezegd hebt: ‘Mijn gerechtigheid is meer dan die van God!’?
3
Want je hebt gezegd: ‘Wat baat het je? Wat baat het mij als ik niet zondig?’
4
Ik zal je antwoord geven, en met jou ook aan je vrienden.
5
Kijk naar de hemel en zie, aanschouw de wolken daar hoog boven je.
6
Als jij zondigt, wat voor uitwerking heeft dat dan op Hem? Als je overtredingen talrijk zijn, wat doe je Hem daarmee aan?
7
Als jij rechtvaardig bent, wat geef jij Hem daarmee, of wat ontvangt Hij uit jouw hand?
8
Je misdaad zou gericht zijn tegen een man zoals jij, en je gerechtigheid zou ten gunste komen van een mensenkind.
9
Vanwege de vele verdrukkingen schreeuwen zij het uit, zij roepen om hulp vanwege de arm van de machtigen.
10
Maar niemand zegt: ‘Waar is God, mijn Maker, die lofliederen geeft in de nacht,
11
die ons onderwijst door de dieren van de aarde, en ons wijs maakt door de vogels aan de hemel?’
12
Dan roepen zij, maar Hij antwoordt niet, vanwege de hoogmoed van de boosdoeners.
13
Immers, God zal het schijnheilig geroep niet verhoren, de Almachtige zal er geen aandacht aan schenken.
14
Al zeg jij dan dat je Hem niet ziet, toch ligt de rechtszaak voor Hem. Wacht dan op Hem.
15
Als zijn toorn nu nog niet bestraft heeft, zou Hij dan ook geen weet hebben van de vergaande overmoed?
16
Job heeft zijn mond vergeefs opengesperd, en zonder kennis grote woorden geuit.
← Chapter 34
Jump to:
Chapter 1
Chapter 2
Chapter 3
Chapter 4
Chapter 5
Chapter 6
Chapter 7
Chapter 8
Chapter 9
Chapter 10
Chapter 11
Chapter 12
Chapter 13
Chapter 14
Chapter 15
Chapter 16
Chapter 17
Chapter 18
Chapter 19
Chapter 20
Chapter 21
Chapter 22
Chapter 23
Chapter 24
Chapter 25
Chapter 26
Chapter 27
Chapter 28
Chapter 29
Chapter 30
Chapter 31
Chapter 32
Chapter 33
Chapter 34
Chapter 35
Chapter 36
Chapter 37
Chapter 38
Chapter 39
Chapter 40
Chapter 41
Chapter 42
Chapter 36 →
All chapters:
1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
11
12
13
14
15
16
17
18
19
20
21
22
23
24
25
26
27
28
29
30
31
32
33
34
35
36
37
38
39
40
41
42