bible
ra
🌐 Language
English
Español
Français
Deutsch
Português
Italiano
Nederlands
Русский
中文
日本語
한국어
العربية
Türkçe
Tiếng Việt
ไทย
Indonesia
All Languages
Home
/
Dutch
/
Dutch 2024 (EBV24 een Eigentijdse Bijbelvertaling)
/
Psalms 18
Psalms 18
Dutch 2024 (EBV24 een Eigentijdse Bijbelvertaling)
← Chapter 17
Jump to:
Chapter 1
Chapter 2
Chapter 3
Chapter 4
Chapter 5
Chapter 6
Chapter 7
Chapter 8
Chapter 9
Chapter 10
Chapter 11
Chapter 12
Chapter 13
Chapter 14
Chapter 15
Chapter 16
Chapter 17
Chapter 18
Chapter 19
Chapter 20
Chapter 21
Chapter 22
Chapter 23
Chapter 24
Chapter 25
Chapter 26
Chapter 27
Chapter 28
Chapter 29
Chapter 30
Chapter 31
Chapter 32
Chapter 33
Chapter 34
Chapter 35
Chapter 36
Chapter 37
Chapter 38
Chapter 39
Chapter 40
Chapter 41
Chapter 42
Chapter 43
Chapter 44
Chapter 45
Chapter 46
Chapter 47
Chapter 48
Chapter 49
Chapter 50
Chapter 51
Chapter 52
Chapter 53
Chapter 54
Chapter 55
Chapter 56
Chapter 57
Chapter 58
Chapter 59
Chapter 60
Chapter 61
Chapter 62
Chapter 63
Chapter 64
Chapter 65
Chapter 66
Chapter 67
Chapter 68
Chapter 69
Chapter 70
Chapter 71
Chapter 72
Chapter 73
Chapter 74
Chapter 75
Chapter 76
Chapter 77
Chapter 78
Chapter 79
Chapter 80
Chapter 81
Chapter 82
Chapter 83
Chapter 84
Chapter 85
Chapter 86
Chapter 87
Chapter 88
Chapter 89
Chapter 90
Chapter 91
Chapter 92
Chapter 93
Chapter 94
Chapter 95
Chapter 96
Chapter 97
Chapter 98
Chapter 99
Chapter 100
Chapter 101
Chapter 102
Chapter 103
Chapter 104
Chapter 105
Chapter 106
Chapter 107
Chapter 108
Chapter 109
Chapter 110
Chapter 111
Chapter 112
Chapter 113
Chapter 114
Chapter 115
Chapter 116
Chapter 117
Chapter 118
Chapter 119
Chapter 120
Chapter 121
Chapter 122
Chapter 123
Chapter 124
Chapter 125
Chapter 126
Chapter 127
Chapter 128
Chapter 129
Chapter 130
Chapter 131
Chapter 132
Chapter 133
Chapter 134
Chapter 135
Chapter 136
Chapter 137
Chapter 138
Chapter 139
Chapter 140
Chapter 141
Chapter 142
Chapter 143
Chapter 144
Chapter 145
Chapter 146
Chapter 147
Chapter 148
Chapter 149
Chapter 150
Chapter 19 →
1
Voor de koorleider. Van de dienaar van de HEERE. Van David die de woorden van dit lied tot de HEERE gesproken heeft, op de dag dat de HEERE hem deed ontkomen aan de hand van al zijn vijanden en aan de hand van Saul.
2
Hij zei: “Ik heb U lief, o HEERE, mijn sterkte.
3
De HEERE is mijn Rots en mijn vesting en mijn bevrijder, mijn God, mijn Rots, ik schuil bij Hem. U bent mijn schild, de hoorn van mijn redding, mijn hoge burcht.
4
Ik riep de HEERE aan, die te prijzen is, ik werd gered van mijn vijanden.
5
Banden van de dood hadden mij omgeven, woeste waterstromen maakten mij bang.
6
Banden van het dodenrijk omvatten mij, dodelijke valstrikken bedreigden mij.
7
In mijn nood riep ik tot de HEERE, ik riep tot mijn GOD. Vanuit zijn Tempel hoorde Hij mijn stem, mijn geroep drong door in zijn oren.
8
Toen schudde en beefde de aarde, de fundamenten van de bergen wankelden en schudden, omdat Hij in toorn was ontbrand.
9
Rook steeg op uit zijn neus, vuur uit zijn mond verteerde, kolen werden erdoor aangestoken.
10
Hij liet de hemelen buigen en daalde neer, een donkere wolk was onder zijn voeten.
11
Hij reed op een cherub, ja, hij vloog, en zweefde op de vleugels van de wind.
12
Hij maakte de duisternis tot zijn beschutting, om Hem heen was zijn loofhut duistere wateren samengebundeld in donkere wolken.
13
Uit de lichtglans vóór Hem dreven zijn wolken voort, hagel en vurige kolen.
14
De HEERE deed het donderen in de hemelen, de Allerhoogste liet zijn stem weerklinken: hagel en vurige kolen.
15
Hij schoot zijn pijlen af en verstrooide hen, geweldige bliksem flitsen vuurde hij af en hij bracht hen in verwarring.
16
De waterbeddingen werden zichtbaar, de fundamenten van de wereld werden ontbloot, door uw berisping, o HEERE, door het blazen van de adem uit uw neus.
17
Vanuit de hoogte reikte Hij uit, Hij greep mij, Hij trok mij op uit grote wateren.
18
Hij deed mij ontkomen aan mijn machtige vijand, aan mijn haters, omdat zij sterker waren dan ik.
19
Zij belaagden mij op de dag van mijn ondergang, maar de HEERE was mij tot steun.
20
Hij leidde mij uit in de ruimte en bevrijdde mij, want Hij was op mij gesteld.
21
De HEERE vergold mij naar mijn gerechtigheid, naar de reinheid van mijn handen beloonde Hij mij.
22
Want ik heb de wegen van de HEERE aangehouden, ik ben niet kwaadwillig van mijn GOD afgeweken.
23
Want al zijn rechtsregels stonden mij voor ogen, van zijn wets voorschriften week ik niet af.
24
Volmaakt was ik met Hem, ik hoedde mij voor mijn ongerechtigheid.
25
De HEERE vergold mij naar mijn gerechtigheid, naar de reinheid van mijn handen vóór zijn ogen.
26
Voor de trouwe vriend bent U een trouwe vriend, voor de volmaakte held bent U volmaakt.
27
Voor de gereinigde bent U rein, voor de kronkelaar bent U een worstelaar.
28
U redt het verdrukte volk, maar hoogmoedige blikken vernedert U.
29
Want U doet mijn lamp schijnen, HEERE! Mijn GOD verlicht mijn duisternis.
30
Want met U ren ik door een leger bende heen, met mijn GOD spring ik over een muur.
31
Gods weg is volmaakt, wat de HEERE zegt is gelouterd, Hij is een schild voor allen die bij Hem schuilen.
32
Want wie is God, behalve de HEERE, wie is een rots, behalve onze GOD?
33
De God die mij met kracht omgordt, die mijn weg volkomen maakt.
34
Hij maakt mijn voeten als die van hinden, Hij doet mij op mijn hoogten staan.
35
Hij oefent mijn handen voor de strijd, mijn armen om een bronzen boog te spannen.
36
U hebt mij het schild van uw redding gegeven, uw rechterhand heeft mij ondersteund uw zachtmoedigheid heeft mij grootgemaakt.
37
U hebt ruimte gemaakt voor mijn voetstap pen onder mij, en mijn enkels hebben niet gewankeld.
38
Ik vervolgde mijn vijanden en haalde hen in, ik keerde niet terug totdat ik hen had vernietigd.
39
Ik verpletterde hen, zodat zij niet meer konden opstaan. Zij vielen onder mijn voeten.
40
U omgordde mij met kracht voor de strijd. Zij die tegen mij opstonden hebt U aan mij onderworpen.
41
U gaf mij de nek van mijn vijanden, van wie mij haatten, ik vernietigde hen.
42
Zij riepen, maar er was geen redder, zij riepen tot de HEERE, maar Hij antwoordde hun niet.
43
Ik deed hen opstuiven als stof voor de wind, als modder van de straten veegde ik hen weg.
44
U deed mij ontkomen aan de onenigheden van het volk, U hebt mij gesteld tot hoofd van de volken, een volk dat ik niet kende, zal mij dienen.
45
Zodra hun oor mij hoorde, gaven zij aan mij gehoor. Vreemden onderwierpen zich aan mij maar veinsden.
46
Vreemden bezweken, ook al waren ze door hun vestingmuren omgeven.
47
Leve de HEERE! Gezegend is mijn Rots. Mag de GOD van mijn redding hoog verheven zijn!
48
De God die wraak voor mij neemt, die volken aan mij onderwerpt,
49
die mij doet ontkomen aan mijn vijanden. Ja U verhoogt mij boven hen die tegen mij opstaan, U redt mij van de man van geweld.
50
Daarom, HEERE, zal ik U danken onder de volken, psalmen zingen voor uw Naam.
51
Groot maakt Hij de uitreddingen van zijn koning, aan zijn gezalfde bewijst Hij liefdevolle trouw, aan David en aan zijn nakomelingschap, tot in eeuwigheid.”
← Chapter 17
Jump to:
Chapter 1
Chapter 2
Chapter 3
Chapter 4
Chapter 5
Chapter 6
Chapter 7
Chapter 8
Chapter 9
Chapter 10
Chapter 11
Chapter 12
Chapter 13
Chapter 14
Chapter 15
Chapter 16
Chapter 17
Chapter 18
Chapter 19
Chapter 20
Chapter 21
Chapter 22
Chapter 23
Chapter 24
Chapter 25
Chapter 26
Chapter 27
Chapter 28
Chapter 29
Chapter 30
Chapter 31
Chapter 32
Chapter 33
Chapter 34
Chapter 35
Chapter 36
Chapter 37
Chapter 38
Chapter 39
Chapter 40
Chapter 41
Chapter 42
Chapter 43
Chapter 44
Chapter 45
Chapter 46
Chapter 47
Chapter 48
Chapter 49
Chapter 50
Chapter 51
Chapter 52
Chapter 53
Chapter 54
Chapter 55
Chapter 56
Chapter 57
Chapter 58
Chapter 59
Chapter 60
Chapter 61
Chapter 62
Chapter 63
Chapter 64
Chapter 65
Chapter 66
Chapter 67
Chapter 68
Chapter 69
Chapter 70
Chapter 71
Chapter 72
Chapter 73
Chapter 74
Chapter 75
Chapter 76
Chapter 77
Chapter 78
Chapter 79
Chapter 80
Chapter 81
Chapter 82
Chapter 83
Chapter 84
Chapter 85
Chapter 86
Chapter 87
Chapter 88
Chapter 89
Chapter 90
Chapter 91
Chapter 92
Chapter 93
Chapter 94
Chapter 95
Chapter 96
Chapter 97
Chapter 98
Chapter 99
Chapter 100
Chapter 101
Chapter 102
Chapter 103
Chapter 104
Chapter 105
Chapter 106
Chapter 107
Chapter 108
Chapter 109
Chapter 110
Chapter 111
Chapter 112
Chapter 113
Chapter 114
Chapter 115
Chapter 116
Chapter 117
Chapter 118
Chapter 119
Chapter 120
Chapter 121
Chapter 122
Chapter 123
Chapter 124
Chapter 125
Chapter 126
Chapter 127
Chapter 128
Chapter 129
Chapter 130
Chapter 131
Chapter 132
Chapter 133
Chapter 134
Chapter 135
Chapter 136
Chapter 137
Chapter 138
Chapter 139
Chapter 140
Chapter 141
Chapter 142
Chapter 143
Chapter 144
Chapter 145
Chapter 146
Chapter 147
Chapter 148
Chapter 149
Chapter 150
Chapter 19 →
All chapters:
1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
11
12
13
14
15
16
17
18
19
20
21
22
23
24
25
26
27
28
29
30
31
32
33
34
35
36
37
38
39
40
41
42
43
44
45
46
47
48
49
50
51
52
53
54
55
56
57
58
59
60
61
62
63
64
65
66
67
68
69
70
71
72
73
74
75
76
77
78
79
80
81
82
83
84
85
86
87
88
89
90
91
92
93
94
95
96
97
98
99
100
101
102
103
104
105
106
107
108
109
110
111
112
113
114
115
116
117
118
119
120
121
122
123
124
125
126
127
128
129
130
131
132
133
134
135
136
137
138
139
140
141
142
143
144
145
146
147
148
149
150