bible
ra
🌐 Language
English
Español
Français
Deutsch
Português
Italiano
Nederlands
Русский
中文
日本語
한국어
العربية
Türkçe
Tiếng Việt
ไทย
Indonesia
All Languages
Home
/
Dutch
/
Dutch 2023 (Venster Bijbel)
/
Jeremiah 22
Jeremiah 22
Dutch 2023 (Venster Bijbel)
← Chapter 21
Jump to:
Chapter 1
Chapter 2
Chapter 3
Chapter 4
Chapter 5
Chapter 6
Chapter 7
Chapter 8
Chapter 9
Chapter 10
Chapter 11
Chapter 12
Chapter 13
Chapter 14
Chapter 15
Chapter 16
Chapter 17
Chapter 18
Chapter 19
Chapter 20
Chapter 21
Chapter 22
Chapter 23
Chapter 24
Chapter 25
Chapter 26
Chapter 27
Chapter 28
Chapter 29
Chapter 30
Chapter 31
Chapter 32
Chapter 33
Chapter 34
Chapter 35
Chapter 36
Chapter 37
Chapter 38
Chapter 39
Chapter 40
Chapter 41
Chapter 42
Chapter 43
Chapter 44
Chapter 45
Chapter 46
Chapter 47
Chapter 48
Chapter 49
Chapter 50
Chapter 51
Chapter 52
Chapter 23 →
1
"Dit zegt de Heer***: Ga naar het paleis van de koning van Juda en breng hem dit woord over:
2
Luister naar het woord van de Heer***, koning van Juda, die zetelt op de troon van David, luister, met uw dienaren en uw volk, die door deze poorten binnenkomen.
3
Dit zegt de Heer***: Zorg voor recht en gerechtigheid. Red wie uitgebuit worden uit de macht van hun uitbuiters. Maak een einde aan de onderdrukking van vreemdelingen, wezen en weduwen. Pleeg geen geweld en vergiet geen bloed van onschuldigen in deze stad.
4
Als u hier ernst mee maakt, zullen de koningen die zetelen op de troon van David door deze paleispoorten blijven binnengaan, op hun wagens en paarden, met hun dienaren en hun volk.
5
Maar als u niet naar mijn woorden luistert, zweer Ik bij Mijzelf, zegt de Heer***, dat dit paleis een ruïne zal worden.
6
Want dit zegt de Heer*** over het koningshuis van Juda: U bent voor Mij als Gilead, als de top van de Libanon, maar Ik zweer dat Ik u zal veranderen in een woestijn, een onbewoond land.
7
Ik zal vernietigers bevelen met hun wapens te komen. Zij zullen uw prachtige ceders omhakken en in het vuur gooien.
8
Vele volken zullen langs deze stad komen en ze zullen tegen elkaar zeggen: 'Waarom heeft de Heer*** dat met deze machtige stad gedaan?'
9
En men zal hun antwoorden: 'Omdat ze het verbond met hun Heer*** God hebben verbroken en andere goden hebben aanbeden en gediend.' "
10
"Huil niet over de overledene, weeklaag niet over hem. Treur liever over hem die is weggevoerd, want hij zal nooit terugkeren en zijn geboorteland niet terugzien.
11
Want dit zegt de Heer*** over Sallum, de zoon van koning Josia van Juda, die zijn vader als koning opvolgde en die deze stad heeft verlaten: hij zal hier nooit meer terugkeren.
12
Hij zal sterven in de stad waarheen hij in ballingschap is weggevoerd. Hij zal dit land niet terugzien."
13
"Wee hem die zijn huis bouwt op onrechtvaardigheid, zijn paleiszalen op onrecht, die anderen voor zich laat werken maar hun geen loon uitbetaalt,
14
die zegt: 'Ik laat een heel groot paleis voor mij bouwen, met ruime zalen', die er grote ramen in maakt, het bekleedt met cederhout en het rood beschildert.
15
Bent u koning omdat u het meeste cederhout hebt? Uw vader had toch overvloed, toen hij recht en gerechtigheid nastreefde? Het ging hem toen goed.
16
Hij kwam op voor het recht van de armen en zwakken, en alles ging toen goed. Is dat niet: Mij kennen? zegt de Heer***.
17
Maar uw ogen en uw hart zijn alleen gericht op uitbuiten, op het vergieten van het bloed van onschuldigen, op onderdrukken en op uitzuigen.
18
Daarom zegt de Heer*** over koning Jojakim van Juda, de zoon van Josia: Men zal over hem niet weeklagen: 'Ach, mijn broer, ach mijn zus!' Niemand zal hem beklagen: 'Ach heer, ach majesteit!'
19
Hij zal een ezelsbegrafenis krijgen: men zal hem wegslepen en neersmijten, ver buiten de poorten van Jeruzalem."
20
"Beklim de Libanon en schreeuw het uit! Roep luid vanaf de Basan, roep vanaf de Abarim! Want al je minnaars zijn verslagen.
21
Ik heb tegen je gesproken toen je nog grote voorspoed had, maar je zei: 'Ik wil niet luisteren.' Zo ben je al geweest vanaf je jeugd, nooit heb je naar Mij willen luisteren.
22
De wind zal al je herders meevoeren, je minnaars zullen in ballingschap gaan. Je zult beschaamd zijn en te schande staan, vanwege je grote slechtheid.
23
Je woont daar wel hoog op de Libanon, je hebt je wel genesteld tussen de ceders, maar hoe meelijwekkend zul je zijn wanneer je door pijn overvallen wordt als een vrouw die baren moet.
24
Zo waar Ik leef, zegt de Heer***, al was koning Chonja van Juda, de zoon van Jojakim, een zegelring aan mijn rechterhand, Ik zou hem daar wegrukken.
25
Ik zal u overleveren in de macht van hen die u naar het leven staan, de vijanden die u vreest: koning Nebukadnezar van Babel en de Chaldeeën.
26
Ik zal u en uw moeder die u ter wereld bracht wegslingeren naar een ander land, een land waar u niet geboren bent, en daar zult u sterven.
27
En het land waar zij met hun hele ziel naar terugverlangen, daar zullen ze nooit meer terugkeren.
28
Is die man, die Chonja, een afgekeurd en weggegooid afgodsbeeld, een afgedankte kruik? Waarom zijn hij en zijn nakomelingen dan weggeslingerd, weggeworpen naar een land dat zij niet kennen?
29
Land, land, land, luister naar het woord van de Heer***:
30
Dit zegt de Heer***: Schrijf deze man in als kinderloos, iemand die niet succesvol was tijdens zijn leven, want niemand van zijn nageslacht zal erin slagen te zetelen op de troon van David en over Juda te heersen."
← Chapter 21
Jump to:
Chapter 1
Chapter 2
Chapter 3
Chapter 4
Chapter 5
Chapter 6
Chapter 7
Chapter 8
Chapter 9
Chapter 10
Chapter 11
Chapter 12
Chapter 13
Chapter 14
Chapter 15
Chapter 16
Chapter 17
Chapter 18
Chapter 19
Chapter 20
Chapter 21
Chapter 22
Chapter 23
Chapter 24
Chapter 25
Chapter 26
Chapter 27
Chapter 28
Chapter 29
Chapter 30
Chapter 31
Chapter 32
Chapter 33
Chapter 34
Chapter 35
Chapter 36
Chapter 37
Chapter 38
Chapter 39
Chapter 40
Chapter 41
Chapter 42
Chapter 43
Chapter 44
Chapter 45
Chapter 46
Chapter 47
Chapter 48
Chapter 49
Chapter 50
Chapter 51
Chapter 52
Chapter 23 →
All chapters:
1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
11
12
13
14
15
16
17
18
19
20
21
22
23
24
25
26
27
28
29
30
31
32
33
34
35
36
37
38
39
40
41
42
43
44
45
46
47
48
49
50
51
52