bible
ra
🌐 Language
English
Español
Français
Deutsch
Português
Italiano
Nederlands
Русский
中文
日本語
한국어
العربية
Türkçe
Tiếng Việt
ไทย
Indonesia
All Languages
Home
/
Dutch
/
Dutch 2023 (Venster Bijbel)
/
Jeremiah 43
Jeremiah 43
Dutch 2023 (Venster Bijbel)
← Chapter 42
Jump to:
Chapter 1
Chapter 2
Chapter 3
Chapter 4
Chapter 5
Chapter 6
Chapter 7
Chapter 8
Chapter 9
Chapter 10
Chapter 11
Chapter 12
Chapter 13
Chapter 14
Chapter 15
Chapter 16
Chapter 17
Chapter 18
Chapter 19
Chapter 20
Chapter 21
Chapter 22
Chapter 23
Chapter 24
Chapter 25
Chapter 26
Chapter 27
Chapter 28
Chapter 29
Chapter 30
Chapter 31
Chapter 32
Chapter 33
Chapter 34
Chapter 35
Chapter 36
Chapter 37
Chapter 38
Chapter 39
Chapter 40
Chapter 41
Chapter 42
Chapter 43
Chapter 44
Chapter 45
Chapter 46
Chapter 47
Chapter 48
Chapter 49
Chapter 50
Chapter 51
Chapter 52
Chapter 44 →
1
Toen Jeremia aan het volk het hele antwoord van hun Heer*** God had overgebracht dat hun Heer*** God hem voor hen had gegeven,
2
zeiden Azarja, de zoon van Hosaja, Johanan, de zoon van Kerea, en alle andere aanvoerders hoogmoedig tegen hem: "Je liegt! Onze Heer*** God heeft jou niet opgedragen ons te zeggen: 'Jullie mogen niet naar Egypte gaan om daar als vreemdelingen te wonen.'
3
Nee, Baruch, de zoon van Neria, zet jou tegen ons op, omdat hij ons wil uitleveren aan de Chaldeeën in de hoop dat zij ons zullen doden of in ballingschap naar Babel zullen wegvoeren."
4
En Johanan, de zoon van Karea, de andere legeraanvoerders en al het volk gehoorzaamden niet aan het woord van de Heer*** om in Juda te blijven.
5
Johanan en de andere aanvoerders namen het overblijfsel van Juda mee, met allen die waren teruggekeerd uit de landen waarheen ze waren verdreven en die weer in Juda waren komen wonen
6
– mannen, vrouwen en kinderen, de dochters van de koning en allen die Nebuzaradan, de aanvoerder van de lijfwacht, had achtergelaten bij Gedalja, de zoon van Ahikam, – evenals de profeet Jeremia en Baruch, de zoon van Neria, en trokken met hen naar Egypte.
7
Ze gehoorzaamden niet aan wat de Heer*** gezegd had. Zo bereikten ze Tachpanes.
8
Bij Tachpanes kwam het woord van de Heer*** tot Jeremia:
9
"Raap een aantal grote stenen op en verberg die, in bijzijn van de Judeese mannen, in het leem onder de tegelvloer voor de ingang van het koninklijk paleis van de farao in Tachpenes.
10
Zeg tegen hen: Dit zegt de Heer*** van de hemellegers, de God van Israël: Zie, Ik zal mijn dienaar koning Nebukadnezar van Babel ontbieden. Hier zal Ik zijn troon neerzetten, bovenop deze stenen die Ik hier verborgen heb. Hij zal daarop zijn koninklijke [leger]tent opzetten.
11
Hij zal komen en Egypte treffen: wie bestemd is voor de dood, wordt gedood; wie bestemd is voor ballingschap, gaat in ballingschap; wie bestemd is voor het zwaard, wordt geveld door het zwaard.
12
En Ik zal een vuur aansteken in de tempels van de Egyptische goden: hij zal ze in brand steken en de beelden meenemen als buit. Hij zal Egypte veroveren met het gemak waarmee een herder zijn mantel omslaat en daarna zal hij ongehinderd vertrekken.
13
Hij zal de heilige palen van Bet-Semes in Egypte verbrijzelen en de tempels van de Egyptische goden in brand steken."
← Chapter 42
Jump to:
Chapter 1
Chapter 2
Chapter 3
Chapter 4
Chapter 5
Chapter 6
Chapter 7
Chapter 8
Chapter 9
Chapter 10
Chapter 11
Chapter 12
Chapter 13
Chapter 14
Chapter 15
Chapter 16
Chapter 17
Chapter 18
Chapter 19
Chapter 20
Chapter 21
Chapter 22
Chapter 23
Chapter 24
Chapter 25
Chapter 26
Chapter 27
Chapter 28
Chapter 29
Chapter 30
Chapter 31
Chapter 32
Chapter 33
Chapter 34
Chapter 35
Chapter 36
Chapter 37
Chapter 38
Chapter 39
Chapter 40
Chapter 41
Chapter 42
Chapter 43
Chapter 44
Chapter 45
Chapter 46
Chapter 47
Chapter 48
Chapter 49
Chapter 50
Chapter 51
Chapter 52
Chapter 44 →
All chapters:
1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
11
12
13
14
15
16
17
18
19
20
21
22
23
24
25
26
27
28
29
30
31
32
33
34
35
36
37
38
39
40
41
42
43
44
45
46
47
48
49
50
51
52
Aanbevolen literatuur
Commentaar
Commentaren op Jeremiah
→
Dagboek
Dagboek Jeremiah
→
Deze Bijbel
Studiebijbel (Venster Bijbel)
→