bible
ra
🌐 Language
English
Español
Français
Deutsch
Português
Italiano
Nederlands
Русский
中文
日本語
한국어
العربية
Türkçe
Tiếng Việt
ไทย
Indonesia
All Languages
Home
/
Dutch
/
Dutch 2024 (EBV24 een Eigentijdse Bijbelvertaling)
/
Isaiah 26
Isaiah 26
Dutch 2024 (EBV24 een Eigentijdse Bijbelvertaling)
← Chapter 25
Jump to:
Chapter 1
Chapter 2
Chapter 3
Chapter 4
Chapter 5
Chapter 6
Chapter 7
Chapter 8
Chapter 9
Chapter 10
Chapter 11
Chapter 12
Chapter 13
Chapter 14
Chapter 15
Chapter 16
Chapter 17
Chapter 18
Chapter 19
Chapter 20
Chapter 21
Chapter 22
Chapter 23
Chapter 24
Chapter 25
Chapter 26
Chapter 27
Chapter 28
Chapter 29
Chapter 30
Chapter 31
Chapter 32
Chapter 33
Chapter 34
Chapter 35
Chapter 36
Chapter 37
Chapter 38
Chapter 39
Chapter 40
Chapter 41
Chapter 42
Chapter 43
Chapter 44
Chapter 45
Chapter 46
Chapter 47
Chapter 48
Chapter 49
Chapter 50
Chapter 51
Chapter 52
Chapter 53
Chapter 54
Chapter 55
Chapter 56
Chapter 57
Chapter 58
Chapter 59
Chapter 60
Chapter 61
Chapter 62
Chapter 63
Chapter 64
Chapter 65
Chapter 66
Chapter 27 →
1
Op die dag zal dit lied in het land Juda gezongen worden: “Wij hebben een sterke stad, Hij stelt ‘Redding’ tot muren en voorwallen.
2
Doe de poorten open, opdat het rechtvaardige volk binnengaat, het volk dat trouw blijft.
3
Vastberaden als het is, bewaart U het in vrede, ja, in vrede, want het vertrouwt op U.”
4
“Vertrouw op de HEERE tot in eeuwigheid, want in de HEER, de HEERE, is de Rots van de eeuwen.
5
Want Hij laat hen, die daar zo hoog wonen, diep bukken, de hoogverheven stad, vernedert Hij, Hij vernedert haar tot de aarde toe, Hij doet haar in het stof bijten.
6
De voet zal haar vertrappen, de voeten van de verdrukte, de voetstappen van de armen.”
7
“Het pad van de rechtvaardige is effen, het spoor van de rechtvaardige is recht U baant.
8
Ook in de weg van uw oordelen, HEERE, was onze hoop op U gevestigd ziel verlangde naar uw Naam, onze ziel verlangde ernaar om aan U te denken.
9
Mijn ziel verlangde ’s nachts naar U, ook mijn geest in mij zocht U ernstig. Want wanneer uw oordelen over de aarde komen, leren de inwoners van de wereld gerechtigheid.”
10
“Bewijst men de boosdoener genade, dan leert hij geen gerechtigheid, maar sticht hij kwaad in een land vol gerechtigheid en toont hij geen ontzag voor de hoogheid van de HEERE.”
11
“ O HEERE, opgeheven is uw hand, maar zij zien het niet. Zij zullen het wel zien, beschaamd worden vanwege ijver voor volk, ja, het vuur zal uw tegenstanders verteren.
12
O HEERE, Uw rechtsbesluit zal vrede voor ons zijn, want U hebt al ons werk voor ons volbracht.
13
O HEERE, onze GOD, andere heren dan U hebben over ons geheerst. Door U alleen is het dat wij uw Naam gedenken.
14
Doden zullen niet her leven, schimmen zullen niet opstaan. Daarom hebt U hen het kwaad vergolden en hebt U hen vernietigd. U hebt alle herinnering aan hen teniet gedaan.
15
O, HEERE, U hebt dit volk vermeerderd, U hebt dit volk vermeerderd, U bent erin verheerlijkt, U hebt alle grenzen van het land verruimd.”
16
“ O, HEERE, in de benauwdheid hebben zij U opgezocht, zij hebben hun fluisterende gebeden uitgestort, toen uw tuchtiging over hen heen kwam.
17
Zoals een zwangere vrouw die op het punt staat te baren ineenkrimpt en het uitschreeuwt bij haar weeën, zo waren wij, HEERE, voor uw aangezicht.
18
Wij waren zwanger, wij hadden smarten, het was alsof wij wind baarden. Wij brachten het land geen uit redding en wereldburgers werden niet geboren.”
19
“Je doden zullen her leven! Mijn dode lichamen zullen opstaan! Word wakker en juich, jullie die in het stof wonen! De dauw van de lichten is jullie dauw, en de aarde zal de schimmen van de doden uitwerpen.”
20
“Ga heen, mijn volk, ga in je binnenkamers en sluit je deuren achter je. Verberg je voor een ogenblik, totdat de grimmigheid voorbij is.
21
Want zie, de HEERE zal uit zijn plaats uitgaan om de ongerechtigheid van de bewoners van de aarde aan hen te vergelden en de aarde zal het op haar vergoten bloed prijsgeven, en zij zal wie haar vermoord zijn niet langer bedekken.”
← Chapter 25
Jump to:
Chapter 1
Chapter 2
Chapter 3
Chapter 4
Chapter 5
Chapter 6
Chapter 7
Chapter 8
Chapter 9
Chapter 10
Chapter 11
Chapter 12
Chapter 13
Chapter 14
Chapter 15
Chapter 16
Chapter 17
Chapter 18
Chapter 19
Chapter 20
Chapter 21
Chapter 22
Chapter 23
Chapter 24
Chapter 25
Chapter 26
Chapter 27
Chapter 28
Chapter 29
Chapter 30
Chapter 31
Chapter 32
Chapter 33
Chapter 34
Chapter 35
Chapter 36
Chapter 37
Chapter 38
Chapter 39
Chapter 40
Chapter 41
Chapter 42
Chapter 43
Chapter 44
Chapter 45
Chapter 46
Chapter 47
Chapter 48
Chapter 49
Chapter 50
Chapter 51
Chapter 52
Chapter 53
Chapter 54
Chapter 55
Chapter 56
Chapter 57
Chapter 58
Chapter 59
Chapter 60
Chapter 61
Chapter 62
Chapter 63
Chapter 64
Chapter 65
Chapter 66
Chapter 27 →
All chapters:
1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
11
12
13
14
15
16
17
18
19
20
21
22
23
24
25
26
27
28
29
30
31
32
33
34
35
36
37
38
39
40
41
42
43
44
45
46
47
48
49
50
51
52
53
54
55
56
57
58
59
60
61
62
63
64
65
66