bible
ra
🌐 Language
English
Español
Français
Deutsch
Português
Italiano
Nederlands
Русский
中文
日本語
한국어
العربية
Türkçe
Tiếng Việt
ไทย
Indonesia
All Languages
Home
/
Dutch
/
Dutch 2024 (EBV24 een Eigentijdse Bijbelvertaling)
/
Isaiah 35
Isaiah 35
Dutch 2024 (EBV24 een Eigentijdse Bijbelvertaling)
← Chapter 34
Jump to:
Chapter 1
Chapter 2
Chapter 3
Chapter 4
Chapter 5
Chapter 6
Chapter 7
Chapter 8
Chapter 9
Chapter 10
Chapter 11
Chapter 12
Chapter 13
Chapter 14
Chapter 15
Chapter 16
Chapter 17
Chapter 18
Chapter 19
Chapter 20
Chapter 21
Chapter 22
Chapter 23
Chapter 24
Chapter 25
Chapter 26
Chapter 27
Chapter 28
Chapter 29
Chapter 30
Chapter 31
Chapter 32
Chapter 33
Chapter 34
Chapter 35
Chapter 36
Chapter 37
Chapter 38
Chapter 39
Chapter 40
Chapter 41
Chapter 42
Chapter 43
Chapter 44
Chapter 45
Chapter 46
Chapter 47
Chapter 48
Chapter 49
Chapter 50
Chapter 51
Chapter 52
Chapter 53
Chapter 54
Chapter 55
Chapter 56
Chapter 57
Chapter 58
Chapter 59
Chapter 60
Chapter 61
Chapter 62
Chapter 63
Chapter 64
Chapter 65
Chapter 66
Chapter 36 →
1
“De woestijn en het dorre land zullen zich verblijden en de vlakte zal zich verheugen en bloeien als een herfsttijloze bloem.
2
Zij zal volop bloeien en zich verheugen, met vreugde en gejuich. De heerlijkheid van de Libanon is haar gegeven, de glorie van de Karmel en van de vlakte van Saron. Zij zullen de heerlijkheid van de HEERE, de glorie van onze GOD zien.”
3
“Sterk de slappe handen en strek de knikkende knieën.
4
Zeg tegen hen die in hun hart bang zijn: ‘Wees sterk, vrees niet! Zie, jullie GOD zal wraak nemen, de vergelding van GOD zal komen, Hij zelf zal komen en jullie redden.’
5
Dan zullen de ogen van de blinden geopend worden en de oren van de doven zullen opengemaakt worden.
6
Dan zal de lamme springen als een hert en de tong van de stomme zal juichen, want in de woestijn zullen wateren ontspringen en beken in de wilde vlakte.
7
Het dorre land zal veranderen in een waterpoel en het dorstige land in waterbronnen. In de woonstreken van de jakhalzen, waar zij zich neerlegden, zal gras zijn met riet en biezen.”
8
“Daar zal een gebaande weg zijn, een weg die ‘De heilige weg!’ genoemd zal worden. Een onreine zal er niet over gaan, want hij zal alleen voor hen zijn. Wie deze weg ook gaat, zelfs een dwaas zal er niet verdwalen.
9
Daar zal geen leeuw zijn en geen roofdier zal erover voortgaan of daar aangetroffen worden, maar de verlosten zullen erop wandelen.
10
De vrijgekochten van de HEERE zullen terugkeren en naar Sion komen met gejuich. Eeuwige blijdschap zal op hun hoofd rusten. Vreugde en blijdschap zal hun deel zijn, verdriet en gezucht zullen wegvluchten”
← Chapter 34
Jump to:
Chapter 1
Chapter 2
Chapter 3
Chapter 4
Chapter 5
Chapter 6
Chapter 7
Chapter 8
Chapter 9
Chapter 10
Chapter 11
Chapter 12
Chapter 13
Chapter 14
Chapter 15
Chapter 16
Chapter 17
Chapter 18
Chapter 19
Chapter 20
Chapter 21
Chapter 22
Chapter 23
Chapter 24
Chapter 25
Chapter 26
Chapter 27
Chapter 28
Chapter 29
Chapter 30
Chapter 31
Chapter 32
Chapter 33
Chapter 34
Chapter 35
Chapter 36
Chapter 37
Chapter 38
Chapter 39
Chapter 40
Chapter 41
Chapter 42
Chapter 43
Chapter 44
Chapter 45
Chapter 46
Chapter 47
Chapter 48
Chapter 49
Chapter 50
Chapter 51
Chapter 52
Chapter 53
Chapter 54
Chapter 55
Chapter 56
Chapter 57
Chapter 58
Chapter 59
Chapter 60
Chapter 61
Chapter 62
Chapter 63
Chapter 64
Chapter 65
Chapter 66
Chapter 36 →
All chapters:
1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
11
12
13
14
15
16
17
18
19
20
21
22
23
24
25
26
27
28
29
30
31
32
33
34
35
36
37
38
39
40
41
42
43
44
45
46
47
48
49
50
51
52
53
54
55
56
57
58
59
60
61
62
63
64
65
66